Herengracht 132 afgebrand

Herengracht 132 brandt als gevolg van een vuurpijl als een fakkel (direct na de jaarwisseling). De demontage van Herengracht 132 is begonnen. Dat was noodzakelijk vanwege instortingsgevaar.
In de nieuwjaarsnacht is Herengracht 132 door vlammen verwoest. Volgens onbevestigde berichten zou een vuurpijl door een glazen venster van de derde verdieping zijn geschoten. Het grachtenpand was een zesraams-breed dubbel huis, in de kern 17de-eeuws, met een voorgevel met rechte kroonlijst en dwarskap uit 1787. De brand roept de vraag op of het nog langer verantwoord is vuurwerk af te steken in onze kwetsbare binnenstad.

Het verwoeste grachtenpand werd in opdracht van de gemeente gedeeltelijk gedemonteerd. 's Middags 2 januari werd de houten kroonlijst al van het pand getakeld. Het is verkoold en daardoor ongeschikt voor hergebruik, maar is opgeslagen op de Monumentenwerf om als voorbeeld te dienen voor de reconstructie. In overleg met de monumenteninspecteur werd bepaald tot hoever er gesloopt mocht worden. Bij een eerste inspectie is gebleken dat de schade aan de beletage mee valt en waarschijnlijk te herstellen is. De VVAB is vr de herbouw van het grachtenpand dat immers van groot belang is voor het stadsgezicht. Medewerking van alle monumenteninstanties is daarbij cruciaal. Een herhaling van de kwestie Bloemgracht 5, waar herbouw onmogelijk werd gemaakt door tegenwerking van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg, thans RACM, dient voorkomen te worden.

Een deel van de kroonlijst van Herengracht 132 wordt onder toeziend oog van het publiek van het pand getakeld en op een vrachtwagen geladen. Let op de fraaie console van de kroonlijst met ornamenten in de Lodewijk XVI-stijl. (2 januari 2008)

Het pand is recent nog bezocht door het Bureau Monumenten & Archeologie (BMA) in verband met restauratieplannen van de nieuwe eigenaar. Daardoor is bekend welke monumentale interieurelementen er verloren zijn gegaan. Daartoe behoort een 19de-eeuwse stijlkamer van architect Jan Springer, ontwerper van onder meer de Stadsschouwburg. Het pand was in de kern 17de-eeuws, dus het is niet onwaarschijnlijk dat er door de brand ook verborgen interieurelementen verloren zijn gegaan. Zo kunnen verlaagde plafonds oudere plafonds aan het gezicht hebben onttrokken. Architectuurhistoricus Inger Groeneveld: "De plafonds zijn destijds verlaagd en afgetimmerd door modehuis Voss, dat de kamers als opslag gebruikte. Mijn verwachting was dat er tijdens de restauratie en renovatie resten van bijbehorende plafonddecoraties te voorschijn zouden komen" (NRC-Handelsblad, 3 januari 2008).

Het Grachtenboek van Caspar Philips (1770) geeft de 17de-eeuwse toestand van Herengracht 132 vr 1787 weer. Herengracht 132 met de voorgevel uit 1787 op een historische foto (foto Stadsarchief) De fraaie hal met houten betimmering (foto Stadsarchief) Herengracht 132 ingepakt en dichtgespijkerd.

Herengracht 132 heeft een rijke geschiedenis. In ca. 1615 werd door stokviskoper Jan Pietersz de Witt een huis op anderhalf kavel gebouwd, dat nog te zien is in het Grachtenboek van Caspar Philips uit 1770. Het is van het zuivere dubbele huis-type dat toen gangbaar was: twee drieassige vleugels naast elkaar, ieder met een trapgeveltop. De dubbele trapgeveltop in de Amsterdamse Renaissance-stijl van Hendrick de Keyser was rijkelijk versierd met ornamenten op de trappen en ontlastingsbogen boven de vensters. Het huis heette toen de De propheet Jonas.

In 1683 kocht Jacob de Flines het grachtenhuis. In zijn opdracht werd het huis van binnen rijk versierd: "een vertrek was door Johan Glauber beschilderd met landschappen, door Gerard de Lairesse gestoffeerd, een ander vertrek door Frederick de Moucheron versierd met vier Italiaanse landschappen waarin De Lairesse op de voorgrond vrouwenfiguren aanbracht" (Vier Eeuwen Herengracht, p. 441). De geschilderde behangsels van De Lairesse en De Moucheron zijn vr 1910 uit het pand verwijderd en bevinden zich momenteel in Huis Beeckestijn. Jacob de Flines en zijn dochter Elisabeth vochten een langdurige vete uit, die begint als Elisabeth er in 1701 met de knecht van haar vader vandoor gaat, met onder meer het huis als inzet. De erven van Elisabeth hebben het pand in 1747 verkocht. In mei verschijnt bij uitgeverij Athenaeum - Polak & Van Gennep een boek over de geschiedenis van Jacob de Flines en Elisabeth, geschreven door Machiel Bosman.
De eerste grote verbouwing vond plaats in 1787: het huis werd met n en aan de voorzijde met twee verdiepingen verhoogd en van een nieuwe gevel voorzien met een rechte houten kroonlijst met consoles, trigliefen en friesvensters in de toen moderne Lodewijk XVI-stijl met daarachter een dwarskap. Dat niet alles van het 17de-eeuwse pand in 1787 verdween, blijkt ook uit het feit dat het pand was verzakt: kennelijk kan de 17de-eeuwse fundering de extra verdiepingen niet dragen. De nieuwe eigenaar was van plan funderingsherstel te laten doen. Er is nu, dankzij een vuurpijl, wel wat meer nodig dan dat. De herbouw zal vele miljoenen euro's kosten.

(WS, 3/1/2008, gewijzigd 11/1/2008)

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.