[Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad]

Plan voor parkeergarage op de Palmgracht

In de vakantieperiode van 2000 organiseerde de vereniging een handtekeningenactie onder de omwonenden van de Palmgracht. In een korte tijd haalden we ruim honderd handtekeningen op voor het terugbrengen van het water in de in 1895 gedempte gracht. De handtekeningen werden overhandigd aan wethouder Guusje ter Horst die beloofde met voorstellen te zullen komen. (Zie: Bewoners voor hergraven Palmgracht, in: Binnenstad nummer 183, juli 2000). En nu is het dan zover.

Tekening van de Palmgracht met water en parkeergarage in de besproken nota

Helaas wordt het voorstel om de Palmgracht in oude glorie te herstellen op nogal directe wijze gekoppeld aan een ander beleidsterrein: het parkeerbeleid. Het is gemeentelijk beleid om zoveel mogelijk parkeerplaatsen op straat op te heffen en te vervangen door openbare inpandige plaatsen om de kwaliteit van de openbare ruimte te verbeteren. Enerzijds wordt gedacht aan grote parkeergarages aan de rand van de binnenstad bijvoorbeeld een ring van met elkaar verbonden garages onder de Singelgracht, anderzijds aan kleine buurtgarages bijvoorbeeld onder de grachten. Totaal zijn er ruim 16.000 parkeerplaatsen op straat in de binnenstad. Dat betekent dat voor het drastisch weghalen van blik van de straat een flink aantal garages nodig zijn. In het licht hiervan moet een eerder voorstel van Guusje ter Horst worden gezien om onder de gehele Singelgracht een mega-parkeergarage te maken. Hierop is jarenlang door de ambtenaren gestudeerd en van het voorstel is vervolgens niets meer vernomen.
In een recent voorstel van het College is de Singelgracht zelfs volledig uit het beeld verdwenen: er wordt nog slechts gesproken van de "Singelgracht-zone" zodat ook gebieden en pleinen binnen de Singelgracht daaronder vallen, zoals het Frederiksplein en de Vijzelgracht. Er worden drie garages voorgesteld: een traditionele garage onder het Frederiksplein (450 plaatsen) of Falckstraat (300 plaatsen) voor gemengd gebruik (bezoekers en bewoners), een mechanische garage bovenop het metrostation (185 plaatsen), eveneens voor gemengd gebruik, en een mechanische garage onder de Palmgracht (60 plaatsen) voor bewoners en bedrijven. In totaal gaat het dus om uiterlijk 695 parkeerplaatsen. Het aantal autonoom op te heffen parkeerplaatsen op straat is 800 in deze raadsperiode. Mijns inziens is het allemaal volstrekt onvoldoende om een zichtbaar effect op de kwaliteit van de openbare ruimte te kunnen realiseren.

In een raadsnotitie van D66-raadslid Guido Frankfurther wordt het College uitgenodigd een visie te ontwikkelen op het herstel van de in de 19de en 20ste eeuw ernstig beschadigde waterstructuur van de binnenstad: in totaal zijn er 70 grachten en grachtengedeelten gedempt (zie: Amsterdam Waterstad, in: Binnenstad nummer 181, maart/april 2000). De raadsnotitie noemt vier grachten in de Jordaan die hersteld zouden kunnen worden, de Elandsgracht, de Westerstraat, de Lindengracht en de Palmgracht, en verder het Rokin, de Vijzelgracht en de Falckstraat. Herstel van de waterstructuur is k een methode om de kwaliteit van de openbare ruimte te verbeteren. Het gaat nu vaak om treurige parkeerterreinen. Vooruitlopend op het zogenaamde "pre-advies" van het College komt de wethouder met een voorstel dat het draagvlak voor het water onder de bewoners alleen maar kan verminderen: het koppelen van het vraagstuk van het terugbrengen van water met het parkeerprobleem, een knieval naar de autolobby. In de Vijzelgracht en de Falckstraat is geen sprake van het terugbrengen van water. Over het Rokin is reeds negatief beslist (zie: Raad laat historische kans liggen, in: Binnenstad nummer 177, juli 1999). In een eerste bespreking door de raadscommissie bleek er weinig politiek draagvlak te zijn voor de koppeling water en parkeergarage op de Palmgracht: de meeste raadsleden waren wel voor een parkeergarage, maar niet voor het terugbrengen van het water, terwijl de garage bedoeld was om de kostbare ingreep het water terug te brengen te financieren. Het gaat de bewoners echter in de eerste plaats om het terugbrengen van het water; parkeerplaatsen zijn er weinig op de Palmgracht. Het water is de kwaliteit die verloren is gegaan en teruggebracht kan worden. Een parkeergarage zonder water is wat ons betreft niet bespreekbaar, eenvoudig omdat dat het terugbrengen van het water definitief onmogelijk maakt. Terwijl in andere steden het terugbrengen van stedenbouwkundig belangrijk water bovenaan de agenda staat (bijvoorbeeld in Utrecht waar de Singel wordt hergraven), is in Amsterdam slechts een klein grachtje als de Palmgracht aan de orde. Overigens heeft de commissie alleen besloten dat er een haalbaarheidsstudie wordt gedaan. De bewoners zullen dus opnieuw van zich moeten laten horen.

Walther Schoonenberg

(december 2000)