De grachtengordel een yuppie-reservaat?

Zelfs in het ons zo geestverwante mededelingenblad van de Stichting Nationaal Contact Monumenten lazen wij de opmerking dat de Amsterdamse grachtengordel een "yuppie-reservaat" zou zijn.

Het kost natuurlijk geen moeite om aan te tonen dat weinig straat- of grachtwanden een zó grote verscheidenheid van functies bevatten als die van de drie hoofdgrachten. Daar gaat het echter niet om. De vraag is veeleer: waar komt zo'n cliché-opmerking of vooroordeel vandaan? Wat bedoelt men ermee? Een nauwkeurige omschrijving van de categorie 'young urban professionals', yup of yuppie in de wandeling, kunnen wij niet geven. Het gaat in ieder geval over jonge mensen met goedbetalende banen, vaak tweeverdieners zonder kinderen. Dan zijn de yuppies tegelijk 'dinks': doublé income, no kids. Welk bezwaar kan er bestaan tegen hun leeftijd of hun inkomen, tenzij doodgewone afgunst?
Aan deze moeilijk definieerbare categorie binnenstadsbewoners worden bepaalde gedragspatronen toegeschreven: ze kleden zich goed, gaan veel uit, eten in dure restaurants, en anderen vinden hun optreden arrogant. Is dat soms verboden, afkeurenswaardig of hinderlijk? En waar blijft de beroemde Amsterdamse tolerantie? Voetbalsupporters die in afwachting van een avondwedstrijd lallend door de stad trekken, zijn heel wat hinderlijker, om nog maar te zwijgen van de graffiti-kliederaars. Kortom: er bestaat geen enkel redelijk bezwaar tegen de vestiging in de binnenstad van een categorie welgestelde jonge mensen, van wie het aantal altijd veel beperkter zal zijn en blijven dan dat van de bewoners van woningwetwoningen.
Wel bedenkelijk zijn de voor de voor deze inkomensgroep bedoelde "residences" in prots-architectuur, gelukkig nog nauwelijks in de grachtengordel, maar wel aan de kop van de Looiersgracht en in voorbereiding aan het Amstelveld en elders. Bedenkelijk kan ook de verbouwing zijn van oude huizen die generaties lang een kantoorfunctie hebben gehad, tot koopappartementen, wanneer er onvoldoende toezicht uitgeoefend wordt op de waardevolle interieurelementen. Dat is niet de verantwoordelijkheid van de kopers, maar van de gemeentelijke instanties voor monumentenzorg en Bouw- en woningtoezicht, die de projectontwikkelaars in toom moeten houden.

Geurt Brinkgreve

(Uit: Binnenstad 140, juni 1993.)

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.