Herkansing voor de Haringpakkerij

17de eeuw
(schilderij Jacobus Storck)
20ste eeuw
(foto Maarten Brinkgreve)
Reconstructie
(fotomontage Walther Schoonenberg)
De gemeenteraad heeft bij monde van een Commissie van bijstand afwijzend gestemd over het ingediende plan Panaalsteeg. Daarmee heeft zij echter nog niet duidelijk gemaakt, wat er dan wél moet gebeuren. Dat blijft nog geheel overgelaten aan wat de projectontwikkelaar van pas komt en hoever de horizon van zijn architect zich uitstrekt. Maar zonder idee voor een stedenbouwkundige totaalaanpak ter plaatse, blijft elke invulling beperkt en arbitrair.

Een handvat daartoe kan zijn, het plan dat ik reeds geruime tijd geleden voorlegde aan de vereniging. Het is toen besproken, maar verder binnenskamers gebleven, omdat de tijd er nog niet rijp voor leek. Maar nu is het opeens wel actueel.

De hoek Haarlemmersluis, Singel en Prins Hendrikkade (voorheen "Haringpakkerij" en "Texelsekade") is in oude stadsgezichten geliefd vanwege het pittoreske ensemble. Ze laten een organisch gegroeid stadsbeeld zien aan een bedrijvige kade, toen nog aan het IJ gelegen. De boven op een oude vestingtoren gebouwde ranke torenspits, de Haringpakkerstoren van Hendrick de Keyser, bepaalde in hoge mate het silhouet van de stad. Op de achtergrond zien we een blok van negen 17de-eeuwse trapgeveltjes, de zogenaamde "Damiaatjes" van de toenmalige Engelse projectontwikkelaar John Jorden (zie afbeelding). Hier was de belangrijkste aanlegplaats voor de aanvoer van de dagelijkse goederen, waaronder met name melk en vis. De vangst werd ter plaatse op de visafslag gekeurd, verkocht en naar de verwerkende bedrijfjes gebracht. (Vandaar de namen Pan-aalsteeg, Haring-pakkerij, enz.). Ook werd rechtstreeks aan het publiek verkocht op de vismarkt aan de Haarlemmersluis.

Prins Hendrikkade 5, begin 17de-eeuw, de enige overlevende van een rij gelijke panden, waarvan verder alleen onderstukken over zijn.

De functies van overslag en markt zijn in de loop van de tijd verplaatst. Rond 1829 is eerst de Haringpakkerstoren afgebroken, mede in verband met de aanleg van een waterkerende dijk. De geleidelijke afbraak van de "Damiaatjes", met uitzondering van Prins Hendrikkade 5, volgt veel later. Want nog in 1872 zijn zij geheel intact gefotografeerd. Pas aan het begin van deze eeuw zien we een verdere vervanging van het oude stadsbeeld door toen moderne, maar nu smakeloze 20ste-eeuwse invullingen in diverse stijlen. Het residu van de laatste drie geveltjes, die aan de Panaalsteeg naast het enige intacte exemplaar, is nu aan de orde.

Ten behoeve van het uitdijende autoverkeer is de oorspronkelijk bochtige wallekant aangeplempt tot een rechte vlakte. En omdat de straat ook de rooilijn niet meer volgt is de samenhang zoek. Het eens zo aantrekkelijke stadsgezicht is zo verworden tot een onbestemde plek. Een winderige, vergeten hoek, waar niemand zich thuisvoelt en schimmige activiteiten asiel hebben. Het vullen van de bouwval aan de Panaalsteeg zou niet voldoende geweest zijn om daar verandering in te brengen. Maar door het gezochte, zware contrast in schaal en vorm van het voorgelegde ontwerp zou het verband helemaal zoekgeraakt zijn.

Situatie Prins Hendrikkade-Haarlemmersluis met te herbouwen toren

Wij menen dat de oplossing vanuit een groter perspectief gezien moet worden: ook de aanleg van de ervoor liggende ruimte behoeft structuur. De situatie is als een straat waar de bomen gerooid zijn. De kaalheid van de gevels ontbeert de ruimtelijke structuur waarin zij gebouwd zijn. Men blijft iets ongerijmds ervaren, maar weet vaak niet waardoor. Zo is het ook hier, waar de ongerijmdheid van de situatie haar oorsprong heeft in de sloop van de Haringpakkerstoren.
Ons plan behelst om die fout te herstellen door hem te herbouwen. Want pas in de context van de toren komt alles weer op zijn plaats: de stedebouwkundig-historische 'setting' zowel als de sociale bestemming. Het oude IJ-front krijgt zijn markering ten opzichte van het nieuwere Stationseiland en brengt de gevelwand van de Prins Hendrikkade in zijn origineel verband terug. Tussen de toren en de gevelwand krijgt de straat weer haar natuurlijk verloop aan de rooilijn. In de luwte van de toren wordt het autosnelverkeer op afstand gehouden. Door de toren krijgt de plek weer schaal en beschutting en wordt stedelijk bewoonbaar. De voetganger vindt verblijf en het straatleven een nest om weer op te bloeien.
Het attractieve gezichtsveld vanuit het station, de ligging in de looproute en de positionering naar de zon en aan het water zijn de sterke factoren, waarvan dan pas geprofiteerd kan worden.

Het recept is simpel, maar het spel moet wel subtiel gespeeld worden. Niet met bombast, niet in de schaal die eigentijds bouwen eigen is, ook niet met het contrast en de afstandelijkheid, waar voor veel moderne inpassingen gekozen wordt. Wel met respect voor wat er is, verfijning van schaal en uitdrukking, ruimte latend zonder leeg te zijn.

Door de stemming van de Commissie is alles weer open en is er even tijd voor heroverweging, zowel voor het stedelijk bestuur als voor de projectontwikkelaar. Nog is herstel mogelijk. Van de originele toestand is voldoende aanwezig in de vorm van rooilijn, behouden origineel (Prins Hendrikkade 5) en documenten van de oude toestand. Ook van de panden aan de Panaalsteeg is de onderbouw authentiek. Voor de toren is er (weer) ruimte in de vorm van gemeentelijk eigendom van de grond, die nu grotendeels ongebruikt is.
Studies hebben aangetoond dat herbouw van zowel de Haringpakkerstoren als de resterende "Damiaatjes" economisch haalbaar is; ook de financiering is besproken. Onze plannen liggen klaar om verder uitgewerkt te worden. Het enige wat de stad hoeft doen, is de rijweg (de uitloop van het Singel) en mogelijk wat leidingen verleggen. Daar heeft de autoluwe politiek elders nooit moeite mee gehad. En de bestrating moet 'sowieso' verbeterd worden.

Wij stellen voor, een publiek-private maatschappij op te richten ter ontwikkeling van dit gebied en de wederopbouw van de toren. Daardoor kan het flankerend bestuurlijke belang erbij betrokken worden in verband met sociale verloedering, economische ontwikkeling, bestemming, verkeerstechnische en stedebouwkundige inpassing, verlegging van de nutstracés, de aankleding van de openbare ruimte. Daarin zou ook een wervend leerlingproject voor het restauratieambacht passen naar analogie van het project met de Oostindiëvaarder "Amsterdam". Wij rekenen wel op een krachtige ondersteuning vanuit de Amsterdamse bevolking.

Paul van Well
architect

(Uit: Binnenstad 168, januari 1998)

Meer lezen:

[De Haringpakkerstoren] (Geurt Brinkgreve)
[Panaalsteeg en Prins Hendrikkade 2, 3 en 4] (Frans Amende)

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.