Panaalsteeg en Prins Hendrikkade 2, 3 en 4

Het door Welstandstoezicht geprezen ontwerp voor de nieuwbouw Prins Hendrikkade-Panaalsteeg. Rechts de bestaande bebouwing.
In augustus 1997 zijn de bewoners/eigenaren van de panden Nieuwendijk 3 en 5 en Prins Hendrikkade 1 en 5 door de gemeente op de hoogte gebracht van het feit dat een particulier op een veiling Prins Hendrikkade 1, 3, 4 en Panaalsteeg 1 had aangekocht en op deze plek hoogwaardige kantoorruimten wilde realiseren. In 1995 ontwikkelde de gemeente al een soortgelijk plan zonder eigenares van de resterende bebouwing te zijn. De gemeente ging nog verder, want er werd ook een Stedebouwkundig Programma van Eisen (SPvE) gemaakt en er werd opdracht gegeven aan de heer Sprietsma van de Dienst Ruimtelijke Ordening, een ontwerp te vervaardigen.

"Het is natuurlijk toegestaan op de locatie een gebouw van baksteen met ramen en een kroonlijst te maken. Wellicht is het interessanter een meer modernistische en minimalistische architectuurtaal toe te passen. De foto-impressies geven aan, hoe dit wat de gemeente betreft zou kunnen." (tekst SPvE, april 1995).
Hoewel er nog geen bouwaanvraag is gepubliceerd, heeft de Welstandscommissie toch kennis kunnen nemen van het ontwerp en al vast te kennen gegeven dat dit ontwerp wel zou kunnen.

Een alternatief plan.

Het was in 1995 de bedoeling van de gemeente, de panden te verwerven door koop of eventueel onteigening. De gemeente heeft in 1996 geprobeerd, de locatie aan te kopen. Een particulier, Hermans' initiatiefgroep, was de gemeente te vlug af en heeft nu een nieuwbouwplan ontwikkeld dat wonderwel aansluit op het eerder door de gemeente ontwikkelde plan. Omdat een en ander niet past binnen het geldige conserverende bestemmingsplan, werd de Commissie van bijstand van de gemeenteraad gevraagd, akkoord te gaan met het nemen van een voorbereidingsbesluit, met de verkoop van de Panaalsteeg en met de voorgelegde schetsontwerpen, alsmede met de beantwoording van de raadsadressen van o.a. onze vereniging.
Tijdens de avondvergadering van 19 november 1997 werd ingesproken, o.a. door de buurt (buurt 7 van het Wijkcentrum d'Oude Stadt), de buren en namens onze vereniging.
Door de insprekers werd de vorm van de nieuwbouw, de hoogte en het materiaalgebruik als niet passend in de historische wand van de Prins Hendrikkade aangemerkt. Het contrast met het rijksmonument Prins Hendrikkade 5 werd als erg schril ervaren. Liefhebbers van de binnenstad hebben uiteraard geen bezwaar tegen nieuwbouw in Amsterdam, maar op deze plaats aan de oude noordkant van de stad en bij de entree vanuit het Centraal Station is de voorgestelde nieuwbouw niet passend.
Omwille van de laatste uitbreiding van het Victoria-hotel is het rijksmonument op de hoek van de Hasselaerssteeg gesloopt, onder de uitdrukkelijke afspraak dat het monument bij de nieuwbouw op de Nieuwezijds Kolk zou worden herplaatst. Door het optreden van een andere eigenaar is daar toen niets van gekomen. Ook tegen de verkoop van openbare ruimte, de Panaalsteeg, is door onze vereniging bezwaar aangetekend. Door het laten verdwijnen van stegen bij de recente nieuwbouw van de Vendex-driehoek en bij de plannen voor de Tuschinki-uitbreiding verdwijnt voor een deel het historische stratenpatroon.

Het door Stadsherstel in 1978 gerestaureerde hoekpand Prins Hendrikkade-Nieuwendijk. Op deze gevel is een topgevel van elders herplaatst.

Een vertegenwoordiger van de Welstandscommissie was zeer tevreden met het ontwerp en was het er voor 85% mee eens.
Op een aantal detailpunten zou nog wel overleg met de architect nodig zijn, maar, gezien de deskundigheid van de architect en van de leden van de Welstandscommissie, zou dat wel lukken. Ondanks het late uur ontstond een stevige discussie. Het resultaat was dat de Commissie geen bezwaren had tegen het ontwikkelde Stedebouwkundige Programma van Eisen op wat detailpunten, zoals de vluchtroute van de Nieuwendijkpanden, na. Zij had ook geen principiële bezwaren tegen de verkoop van de openbare ruimte, hoewel daar een andere commissie nog over moest beslissen, maar zij kon zich vrijwel unaniem niet vinden in het getoonde ontwerp. Op één lid (CDA) na, zag niemand iets in het ontwerp. Wethouder Stadig gaf terecht aan dat het gewoonlijk niet de taak van de Commissie van bijstand is om over bouwplannen te oordelen maar als er overwegende bezwaren waren tegen het bouwplan, de raad in dit geval over de mogelijkheid beschikte "niet akkoord" te gaan met het voorbereidingsbesluit en de verkoop van de steeg.
Terecht werd erop gewezen dat als Amsterdam het "beschermde stadsgezicht" serieus nam, iets dergelijks op dit punt toch niet zou moeten kunnen. De oplossing op zo'n hoek lag volgens een raadslid toch meer op de weg van Stadsherstel. Op de Stromarkt en op de hoeken aan het Singel heeft Stadsherstel laten zien, hoe het ook kan.

Op het ene CDA-lid na, wees de Commissie de door de wethouder gevraagde beslissing af. De wethouder (Stadig) gaf na de stemming te kennen dat hij zich goed kon vinden in het besluit, omdat hij zelf ook van mening was dat dit gebouw niet paste op deze bijzondere plek.

Frans Amende

(Uit: Binnenstad 168, januari 1998)

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.