Instorting van Keizersgracht 268

Keizersgracht 268, bekend als het "huis met de gouden ketting", stortte in op 11 februari 1998. De negen bouwvakkers die begonnen waren met de verbouwing tot appartementen, konden zich net op tijd redden. Wie was verantwoordelijk: de architect, de aannemers of de inspecteur Bouwtoezicht?
Wat er op 11 februari 1998 overbleef van Keizersgracht 268.

In die vraag zullen de verzekeraars zich verdiepen. Wat ons meer interesseert is dat het pand, dat achter de vroeg 19de-eeuwse lijstgevel een rond anderhalve eeuw oudere constructie verborg, herbouwd wordt, zoals het er op 10 februari nog stond. Wat de gevel betreft is dat, mits onder toezicht van monumentenzorg, goed mogelijk, en, nodig om de fraaie gevelwand te herstellen. De oudere onderdelen en bouwsporen van het interieur zijn echter onherroepelijk verloren. Zoiets kan ook elders gebeuren. De constructieve toestand van de twee tot drie en een halve eeuw oude huizen blijft gewoonlijk verborgen. Pas wanneer er vakkundig wordt gerestaureerd, of wanneer zich verzakkingen aftekenen komen de gebreken te voorschijn.

De oude stad is kwetsbaar, zowel in haar geheel als in elk oud pand afzonderlijk. Onze conclusie van de instorting aan de Keizersgracht is: scherper toezicht en ruimere subsidiring voor herstel.

Geurt Brinkgreve

(Uit: Binnenstad 169, maart 1998)

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.