Cluster Wees

Op 26 november stond op de agenda van de raadscommissie Bouwen Wonen Economie Binnenstad de "Startnotitie Wees". De wonderlijke naam verwijst naar de vroegere namen Vuile Weespad en Schone Weespad voor een strook Jordaan tussen de Rozengracht en de Lauriergracht.

Daar bevinden zich een zevental plekken, 'locaties', die nog niet aan de beurt zijn gekomen in wat ambtelijk heet: de klassieke stadsvernieuwing, zijnde het wegwerken van kwaliteitsachterstand. De afd. Projectontwikkeling van de Dienst Binnenstad wil nu, vóórdat het nieuwe bestemmingsplan-Jordaan wordt vastgesteld, in één operatie de achtergebleven locaties aanpakken. Het nieuwe bestemmingsplan voert namelijk een indeling in van de bestaande bebouwing: orde 1 zijn de beschermde monumenten, orde 2 de beeldbepalende panden die nu terwille van het beschermde stadsgezicht behouden moeten blijven, en orde 3 de niet-beschermde panden. Het geldende bestemmingsplan-1972 Jordaan had - ondanks heftige tegenstand van de afd. Stadsontwikkeling - weliswaar de historische stratenstructuur gered, maar de door de Commissie-Dooijes als beeldbepalend gerangschikte panden, nu orde 2, waren in feite vogelvrij. Daarvan zijn er in de 'klassieke' stadsvernieuwing (het kost moeite hiervoor het woord 'klassiek' te gebruiken) al een paar honderd gesloopt.
Het agendapunt 'Cluster Wees' op 28 november was een soort van overval. Noch de bewoners, noch het Bureau Monumentenzorg, noch de Adviesraad voor de Monumentenzorg (ARM) waren bij het vooroverleg betrokken geweest. Toevallig had een achterdochtige activist er lucht van gekregen, met het gevolg dat er wèl boze bewoners kwamen inspreken. De ARM had twee dagen tevoren vergaderd, ook over 'Cluster Wees', en stuurde een spoedbrief naar de raadscommissie. Die brief werd ter vergadering in kopie rondgedeeld. De slotzin luidt: "Door in te stemmen met de startnotitie 'Cluster Wees' worden de beleidsintensies die momenteel worden uitgewerkt in het Werkplan Beschermd Stadsgezicht, welke u als politici reeds heeft onderschreven - alleen nog niet vastgesteld - ongeloofwaardig." Dat is duidelijke taal.
Namens onze vereniging werd op twee van de zeven locaties gewezen. De percelen Rozenstraat 192-222 bestaan uit een rij onderstukken. Dat daar nieuwe huizen moeten komen, zal niemand ontkennen. Het bij de stukken gevoegde schetsje toont rechts van het terrein een nieuw rechthoekig woningblok van het soort dat geen relatie meer heeft met het stadsbeeld-Jordaan. Het in 1978 door het Bureau Monumentenzorg samengestelde boek "De Jordaan 28.000 meter gevelwand" laat zien dat daar vier huizen hebben gestaan, zeker geen monumenten, maar wel huizen die elk voor zich in de bouwgeschiedenis van de buurt thuishoorden. Aan de linkerkant staat nog één oud halsgevelhuis met gebeeldhouwde klauwstukken. Ons pleidooi was, op het bouwterrein de oorspronkelijke perceelsindeling terug te brengen en om tenminste voor een of twee van die panden de historische gevelvorm met een herplaatste bekroning in het plan op te nemen, in plaats van het geschetste horizontale bouwblok. Verwezen werd naar het nog altijd geldende bestemmingsplan-1972, dat de perceelsbreedte en de aansluiting bij het historische silhouet voorschrijft, een voorschrift dat in de stadsvernieuwing gemakshalve werd vergeten.
Het tweede geval dat bijzondere aandacht trok van de insprekers, was het hoekcomplex Laurierstraat 162-168/Tweede Laurierdwarsstraat 42-44. De startnotitie biedt daarvoor vijf keuzemogelijkheden, maar die gaan alle vijf uit van sloop/nieuwbouw voor de vrije sector. Dat is dus een schijnkeuze, beter gezegd: verlakkerij. De startnotitie zegt: "De hoek ... vraagt om een architectonische verbijzondering, om de hiërarchie van het stratenpatroon te ondersteunen". Die hoek vraagt daar helemáál niet om, die hoek vraagt om herstel en interne verbetering, en verder om met rust te worden gelaten. Het is een straathoek, zoals er gelukkig nog heel wat te vinden zijn in de Jordaan, van een eenvoudige vanzelfsprekendheid zonder architectuur-hoogstandjes. Van de architectonische verbijzonderingen, waarmee de stadsvernieuwers de Jordaan hebben opgesierd, staan er méér dan genoeg. De startnotitie moet opnieuw worden bekeken.

Geurt Brinkgreve

(Uit: Binnenstad 174, januari/februari 1999)

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.