Op de bres voor Amsterdam XLVII

Een zienswijze

Onlangs stak ik, komend vanaf de Stopera, over de Blauwbrug de Amstel over. Tussen Amstelstraat en Herengracht zag ik tot mijn schrik dat op Amstel 208, dat min of meer een tweelinghuis is van Amstel 210 - samen vormen deze twee een laatste rest van de door Adriaan Dortsman (1622-1682) ontworpen gevelwand - ineens een enorme grote reclamelap was aangebracht, die de gehele gevelbreedte aan het oog onttrekt en in de hoogte reikt van de bel-etage tot aan de daklijst.

Burgemeester & Wethouders van Amsterdam
ter attentie van Dienst Binnenstad
Sectie Staf en Bijzondere Taken
t.a.v. mevr. J. Spel, Inspectie Reclame
Postbus 202
1000 AE Amsterdam

Amsterdam, 24 januari 1999

Geacht College,
Geachte mevrouw Spel,

Wat volgt is een 'bedenking' dan wel een 'zienswijze'.

Deze lap is van het soort dat tegenwoordig opgang maakt en waar veel van onze mooiste openbare monumenten onder lijden; tot voor kort zelfs het Koninklijk Paleis (daar heeft, na een persoonlijk protest, Hare Majesteit zelf gelukkig een eind aan gemaakt). Nu ziet men de lappen nog op de Nieuwe Kerk, het Joods Historisch Museum, de Beurs van Berlage etc. Het zou zijn om publiek te trekken, maar nog nooit heeft men naar mijn mening onderzoek gedaan naar het werkelijke effect. Maar zelfs al zou aangetoond kunnen worden dat er meer mensen op een gebouw-met-lap afkomen dan op een gebouw-zonder-lap, dan nog zou men op een monument, dat niet gebouwd is als museum of ander publiek-wervend bouwwerk, geen aan het wezen van het gebouw vreemde reclame-uitingen mogen bevestigen, En helemaal niet in een beschermd stadsgezicht!

Navraag bij een buurman leerde mij dat er voor de lap op Amstel 208 een 'tijdelijke vergunning' zou zijn verleend. De buurman had van het bedrijf Amstel Diamonds, dat de lap heeft aangebracht, weliswaar gedaan gekregen dat de verlichting van de lap hem nu wat minder hindert dan toen deze pas was aangebracht, maar de hinder was nog allerminst voorbij. Daarbij kwam de ergernis over het feit dat zijn eigen huis als het ware bezoedeld werd door de nabijheid van deze ergerlijke reclamelap. Dat er voor zoiets überhaupt een vergunning, zij het dan een tijdelijke (hoe lang is tijdelijk?), verleend kon worden, in een tijd dat zelfs uw College volgens zijn zeggen de meest ergerlijke excessen van de reclame in de binnenstad wil bestrijden, is hem en mij dan ook een volstrekt raadsel.

Als lid van de Vereniging Vrienden van de Binnenstad, van wie ik het adres van mevrouw Spel ontving en die bevestigde dat er inderdaad(!) een tijdelijke vergunning was verleend, wil ik u graag met de grootst mogelijke klem verzoeken de vergunning zo snel mogelijk, bij voorkeur onmiddellijk, in te trekken daar deze toch op geen enkel redelijk argument kan zijn gebaseerd. Het is een aanfluiting voor de stad en voor het huis waarop de lap is aangebracht. Nota bene schuin tegenover Amstel 1!

En als u toch bezig bent, wilt u dan eens kijken, hoe het staat met de, al dan niet tijdelijke, 'lap-vergunningen' die u aan openbare monumenten in de binnenstad hebt verleend? Passen deze straks wel in het systeem van het beschermde stadsgezicht dat nu eindelijk tot stand zal komen in onze stad? En zo niet, moeten er dan geen aanschrijvingen gedaan worden, opdat ze ingetrokken kunnen worden zodra dat systeem er is? Zijn ze wel op de juiste procedurele wijze tot stand gekomen? Wat zegt de Welstandscommissie? Hoe verhouden deze vergunningen, als ze er al zijn, zich tot uw nieuwe beleid inzake de reclame in de binnenstad?

Graag zie ik uw reactie op deze klachten, op dit verzoek en op deze vragen zo spoedig mogelijk van u tegemoet, en teken,

hoogachtend,
een bewoner van de
Oudeschans

(Uit: Binnenstad 175, maart 1999)

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.