Vereniging Vrienden van Amsterdamse Gevelstenen

Gevelstenen van Aryaan Harshagen

In 1997 werd in het septembernummer van 'Binnenstad' (blz. 64) geschreven over een pas gereedgekomen complex van Stadsherstel aan de Binnen Vissersstraat. Bij het artikel is een van de gevelstenen afgebeeld die de gebouwen sieren.

Het gaat hier om de steen die door Aryaan Harshagen ontworpen en uitgevoerd is. In het vorige jaar zijn op twee andere plaatsen in de binnenstad gevels verrijkt met een gevelsteen van dezelfde beeldhouwster. Deze Amstelveense kunstenares, die onder meer een gedenkteken in Wassenaar maakte ('De Pauwhof', in opdracht van de Overvoorde- Gordonstichting) en kunsttoepassingen uitvoerde voor de Openbare Bibliotheek in Groningen en het gemaal te Spaarndam, heeft in Groenekan (Kastanjelaan 2) al eerder werk gemaakt in de vorm van een gevelsteen. In het onderstaande wordt ingegaan op haar ontwerpen voor gevelstenen aan Amsterdamse panden.

Binnen Vissersstraat

Gevelsteen met muzieklessenaars in het complex Binnen Vissersstraat

Boven de deur van de achterhuizen van het complex Binnen Vissersstraat 9-19 treffen we ons eerste voorbeeld aan. Het is een steen die verwijst naar de beroepsactiviteiten van de muziekstudenten die er wonen. De steen is een geschenk van de heer J.M. Beek uit Apeldoorn.
Op de gevelsteen zijn in het middenveld muziekstandaards geplaatst. Aan de bovenkant wordt de voorstelling afgesloten door een banderol met de notentekst van 'Viva la Musica'. De banderol overlapt de omlijsting, waar aan de onderkant zich het jaartal bevindt, waarin het gebouw is opgeleverd en de steen is geplaatst. De steen is gedeeltelijk beschilderd en van bladgoud voorzien.
Wanneer we de steen van Harshagen vergelijken met andere gevelstenen, dan zien we dat in dit werkstuk het illustratieve - zo kenmerkend voor de meeste gevelstenen - niet vooropstaat. De voorstelling is net zo belangrijk als de manier, waarop deze is uitgewerkt door middel van compositie, kleur, plastische werking, keuze van de steensoort en het beeldende effect van de manier van bewerken. Aan de hand van deze uitgangspunten zijn in 1997 en 1998 de twee andere werkstukken gemaakt.

Leliegracht

Het pand Leliegracht 54 heeft, nadat het volledig was uitgebrand, jarenlang in een bouwvallige toestand verkeerd. Na lang durende bouwwerkzaamheden is het in 1997 opgeleverd. In het gebouw zijn drie koopappartementen ondergebracht. De bewoners van deze appartementen hebben het gebouw de naam Lelysluys gegeven. Een toepasselijke naam, omdat het bouwwerk vlakbij de plaats staat, waar zich vroeger in de Leliegracht een sluis bevond.
Letters zijn het belangrijkste element van het ontwerp en bepaalden de vrij brede rechthoekige vorm van de steen. Om de naam van het gebouw vanaf straatniveau goed leesbaar te doen zijn, is gekozen voor letters van behoorlijk formaat. Ze zijn bovendien voorzien van bladgoud. Dit schittert als de zon erop schijnt en blijft tevens goed helder tijdens donkere dagen. De letters zijn gecombineerd met een eenvoudige 'voorstelling', waarin alleen de verbredingen van de lijst (aan onder- en bovenkant) verwijzen naar de vorm van de sluis, zoals die nog steeds te zien is in de kaden van dit deel van de Leliegracht. Letters en lijst liggen in één vlak dat niet uit de gevel naar voren komt. De achtergrond is in basreliëf aangebracht en ruw weggehakt. Er ontstond een bobbelig oppervlak. Dit oppervlak en de blauwe kleur, waarin het geschilderd is, verwijzen op een eenvoudige manier naar het water in de gracht.
Op de Leliegracht is gekozen voor hardsteen die qua kleur (de omlijsting is niet gekleurd) mooi bij de donkere kleur van de baksteen aansluit (in de Binnen Vissersstraat is een zandsteen gebruikt die door zijn lichte kleur daar beter past).

Keizersgracht

De bewoners van het woonhuis nummer 441 aan de Keizersgracht, de heer en mevrouw Van Houten- Merkelbach, wilden evenals de eigenaren van het pand Leliegracht hun huis een naam geven en deze aanbrengen op de gevel. Zowel de bewoners als Monumentenzorg stelden als voorwaarde dat er geen grote ingrepen mochten plaatsvinden in deze gevel die bestaat uit een zeventiende-eeuws bovengedeelte, waarin vele ornamenten zijn opgenomen, en een in het begin van deze eeuw verbouwde onderkant. Het was zaak om zowel een plaats als een vorm te vinden die goed aan zouden sluiten bij het bestaande en de muur niet al te zeer zou beschadigen. De benaming is daarom niet aangebracht op een steen (die het noodzakelijk zou maken dat een aantal bakstenen verwijderd moest worden), maar op een bronzen reliëf dat tegen de muur is bevestigd. Het bevindt zich op het onderste gedeelte van de gevel en steekt iets uit.
De vorm van het kader en de voorstelling verwijzen naar de guirlandes boven in het gebouw. In het ontwerp van de nieuwe guirlande is gebruik gemaakt van houtspaanders en -krullen. Deze verwijzen naar de naam van de huidige eigenaars èn van degene die het huis in de zeventiende eeuw heeft laten bouwen.
De naam van het huis is in kleine letters aangebracht en op dusdanige manier vormgegeven dat deze opgaan in het grotere geheel van de guirlande. In tegenstelling tot Lelysluys is de naam dus niet prominent aanwezig. Dat was ook niet de bedoeling, omdat de naam (HOMERS END) iets raadselachtigs behoorde te houden.

Bij ieder van de drie werkstukken valt op dat het geen slaafse navolgingen zijn van oudere voorbeelden, maar dat Harshagen erin is geslaagd om eigentijdse ontwerpen te maken die geraffineerd aansluiten bij de gevels, waarvoor ze bedoeld zijn.

Bob van Rossum

(Uit: Binnenstad 179, nov. 1999)

[Vereniging Vrienden van Amsterdamse Gevelstenen]

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.