De Filmacademie: na "de Kolk" opnieuw een misser

In 1993 bracht de Schoonheidscommissie een lijvig rapport uit, “De Schoonheid van Amsterdam”, waarin diverse criteria voor nieuwbouw in de binnenstad werden geformuleerd. Zo worden toetsingscriteria als de ligging in de omgeving (bouwhoogte, vormgeving op straatniveau), ontwerp- aspecten (zorgvuldigheid, uitstraling) en architectonische detaillering (gevelopbouw, kleur- en materiaalgebruik) genoemd. Inmiddels is van dit rapport een nieuwe versie verschenen. Op 1 februari 1999 kreeg de Amsterdamse binnenstad na tien jaar discussie de fel begeerde status van beschermd stadsgezicht, waardoor het extra belangrijk is geworden toe te zien op de toepassing van de genoemde welstandseisen. Nog net op de valreep (goedgekeurd voordat het beschermd stadsgezicht een feit was) is de Filmacademie op het Mr. Visserplein gereed gekomen.

Architect Koen van Velzen wilde een “monumentaal gebouw” (Het Parool, 25 augustus 1999). De Filmacademie staat op het laatste stukje van de VaRa-strook (het gebied tussen Valkenburgerstraat en Rapenburgerstraat) aan het Mr. Visserplein en concurreert met het andere grote gebouw aan dit plein: de Portugese Synagoge, één van de belangrijkste monumenten van Amsterdam. Het nieuwe onderkomen van de Nederlandse Film- en Televisieacademie (NFTA), oorspronkelijk gehuisvest op de Overtoom, is een gigantisch pand van achtduizend vierkante meter. Zeer opvallend, beter gezegd uit de toon vallend, is de groenglazen façade aan het plein. Dit is niet de voorgevel, want de architect heeft rekening gehouden met de mogelijkheid dat het Mr. Visserplein ooit weer bebouwd zou worden (zoals weleer) en heeft de ingang geplaatst in wat de achterzijde van het gebouw lijkt. De opvallende groenglazen gevel lijkt nog het meest op een enorm televisiescherm. Het roept associaties op met dat andere groenglazen geval, door de lezers van Het Parool gekozen tot het lelijkste gebouw van de stad: de kantoortoren van het geflopte Kolk-project aan de Nieuwezijds Voorburgwal.

Op bijna alle gronden zijn de toetsingscriteria van de Schoonheidscommissien geschonden. Het gebouw is te groot, heeft de verkeerde uitstraling, verkeerd kleur- en materiaalgebruik en probeert te concurreren met in plaats van zich te voegen in de historische stad. Het is na het De Kolk-fiasco de zoveelste misser in de binnenstad, waarvan wij iedere keer denken en verwachten dat het de laatste is.

Walther Schoonenberg

(Uit: Binnenstad 180, jan. 2000)

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.