Wildgroei op het water
Enkele voorbeelden
|
Het Van Brienenhofje op de Prinsengracht gaat schuil achter treurige
schrootjesbungalows. Water is er niet meer te zien.
|
|
De Brouwersgracht is aan beide zijden dichtgeplempt met dozen op
betonnen bakken.
|
|
Afstand houden? Niet nodig, dicht bij elkaar is gezelliger. Een drijvend
woonbotendorp in de Waalseilandsgracht.
|
|
Blikvanger op de Prinsengracht (t.o. nummer 509), woonark met zinken
bekleding, goedgekeurd door de Commissie van Welstand en Monumenten!
De boot ligt voor het huis van Fred Thomas (zie beneden).
|
|
Tussen de rijen woonarken is nog een smal strookje water, een sloot, over
van de Prinsengracht.
|
|
Maximum lengte? Niet voor deze nieuwbouw in de Achtergracht. De
modieuze verschijning is ter plaatse opgebouwd. Hoezo beschermd stadsgezicht?
|
|
Een moderne doos op een betonnen bak in de Keizersgracht. “Moet
kunnen!” zou de toenmalige burgemeester Ed van Thijn erover hebben gezegd.
|
|
Wie niet genoeg ruimte op het water heeft, neemt ook de wallekant erbij,
zoals hier op de Binnenkant. Niet alleen het water, ook de wal is hier geprivatiseerd. Probeer zoiets
eens op de “droge” openbare ruimte, bijvoorbeeld op het Spui, en je wordt meteen, volkomen
terecht, weggestuurd.
|
Fred Thomas,
bewoner van Prinsengracht 505, schreef in “Stad van mijn hart” in 1946:
“Het water is de spiegel
van Amsterdam, van heel zijn leven en bedrijf, van al zijn stemmingen. Je hoeft maar door het
raam in de gracht te kijken en je weet er alles van. Soms staan de huizen van de overkant roerloos
op hun kop en is de hemel peilloos diep daaronder, maar een ander maal draaien en wringen zij in
extase en voeren een wilde buikdans uit. Of zij krijgen het op hun heupen en zwaaien en wapperen
als wasgoed aan de lijn.”
De huidige bewoners van de Prinsengracht kunnen het spel van de
spiegelende gevels in het water niet meer ervaren: zij kijken uit op de meestal gesloten wanden van
drijvende bungalows.
(Uit: Binnenstad 181, maart/april 2000)