De laatste Amsterdamse zaagmolen in nood

In de eerste helft van de 17e eeuw keek Amsterdam met lede ogen naar de Zaanstreek. De industriële vernieuwing had daar een hoge vlucht genomen, bijna in letterlijke zin, door het oprichten van een groot aantal houtzaagmolens. In de grote behoefte van Amsterdam aan gezaagd hout moest voor een aanzienlijk deel door import worden voorzien. Daarin moest verandering komen en de stad bood grond aan op gunstige voorwaarden om houtzaagmolens naar Amsterdam te lokken. Wie in het stadsgebied een houtzaagmolen zou vestigen kreeg de grond om niet, zolang ter plaatse hout werd verhandeld en bewerkt.
Molen De Otter gezien vanaf de Kostverlorenvaart Molen De Otter gezien vanaf de Gillis van Ledenberchstraat

Die politiek had succes en aan de westkant van de nieuwe omwalling verrezen tal van molens. De naam Zaagmolenpoort spreekt boekdelen.
Eén van die molens, een van de eerste, is nog over. Dat is De Otter aan de Gillis van Ledenberchstraat in het stadsdeel Westerpark, waar de fa. Van der Bijl nog steeds een houthandel drijft. De molen, een rijksmonument en een unieke Amsterdamse variant van de zeldzame paltrokmolen, is enkele jaren geleden grondig gerestaureerd en is geheel bedrijfsvaardig. Van een ideale omgeving voor een molen is al vele jaren geen sprake. Aan alle kanten is de bebouwing opgedrongen. Idealiter moet een molen vrij staan om voldoende wind te kunnen vangen. Geen bebouwing of opgaande beplanting in de buurt van een molen dus. Als aan die voorwaarde wordt voldaan staat hij ook mooi in het zicht.
Dat kun je helaas van De Otter niet meer zeggen en de windvang is dan ook allesbehalve ideaal. Maar het blijkt altijd nog erger te kunnen. Daarmee is het stadsdeel Westerpark druk bezig.

De houtzaagmolen De Otter wordt van zijn windvang beroofd

Aan de Buyskade is vergunning verleend voor bebouwing, die weer een stukje van de al veel te krappe windvang van De Otter afpikt. Dat is echter kinderspel vergeleken bij wat nu aan de orde is. Er wordt druk gewerkt aan een plan om achter de bebouwing aan de 2e Hugo de Grootstraat een 28 meter hoog flatgebouw te bouwen, direct aan de Kostverlorenvaart en pal naast de molen. Het door de architect getekende silhouet spreekt boekdelen.
Het treurige is dat er geen enkele samenhangende visie van het stadsdeelbestuur op de gewenste ontwikkeling in dit gebied lijkt te zijn. Dan ontstaan dit soort plannen, waar ook stedenbouwkundig weinig goeds over valt te zeggen. Als dit project doorgaat is Amsterdam binnenkort een van zijn belangrijkste bedrijfsmonumenten kwijt en raakt er weer een zeer markant stuk van de Amsterdamse geschiedenis buiten beeld. Dat mag niet gebeuren.

Herman Pinkse

(Uit: Binnenstad 187, maart 2001)

[Meer lezen]

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.