Woord en Weerwoord

Het monster in 's Lands Dok?

Wanneer je als kind in het halfdonker over de Kattenburgerstraat fietst kun je het gevoel krijgen dat er achter de muur van de marine een groot wit monster ligt, de poten gespannen, de kop tussen de schouders getrokken, klaar om met een enorme sprong over die muur te komen. Snel wegwezen dus.

Een volwassene kan in een flits op het idee komen dat er achter die muur – daar zit toch de marine – een paar schepen op hun kop op een verhoging liggen, de huid en beetje onregelmatig en ingedeukt, net als je ziet bij echte werkschepen.
De marineman of -vrouw – volwassene of toch een beetje kind? – heeft zich door de architect het beeld van een onderzeeër aan laten praten. En de architect, Liesbeth van der Pol, zegt zelf altijd te hebben gedacht: Het Behouden Huys, maar dan drie keer op een rij. Zij omschrijft haar idee als volgt: 'Machines, kale ruimten en wat werkplaatsen, dat is de essentie, en die is verpakt in een gesloten, hermetische, krachtige en geheimzinnige vorm'.

Boven de muur van het Nieuwe Etablissement verrijst het nieuwe depotgebouw van het Scheepvaart Museum.

Het nieuwe depot voor het Scheepvaartmuseum, gebouwd achter de muur van het Marine Etablissement is in mijn ogen een prachtig gebouw op een uitgezochte plek. Het is functioneel en geheimzinnig tegelijk. De architect heeft alle voorzieningen in de drie opbouwen ondergebracht en het gebouw heel gesloten gemaakt. Door de gekozen vorm en door de ligging biedt het gebouw de mogelijkheid tot allerlei interpretaties. En het heeft een huidoppervlak dat onwaarschijnlijk mooi is en dat maximaal gebruik maakt van onze grootste nationale schat, het steeds wisselende licht.
Het depot heeft uiteraard geen publieksfunctie en de ligging achter de muur is bijna symbolisch daarvoor. Het contrasteert sterk met het Scheepvaartmuseum, dat het hopelijk binnenkort toch in gebruik kan nemen, maar ligt op veilige afstand daarvan tussen de nogal nietszeggende nieuwbouw van het Marine Etablissement en tegenover de weinig inspirerende galerijflats op Kattenburg. Het komt boven de muur uit, maar nergens kun je het goed helemaal in beeld krijgen. Vanaf het dak van Nemo, als je tenminste op die fatale vergissing kunt komen, kun je een glimp opvangen. Het meest compleet zie je het nog vanaf het bedieningshokje bij de brug over de Dijksgracht in de Kattenburgerstraat.
Ik vind het een inspirerend gebouw op een daarvoor uitstekend geschikte plek. Ik hoop alleen dat de architect op één punt haar zin niet krijgt. Zij wil op een bescheiden manier de muur doorbreken om enig contact tussen het gebouw en de Kattenburgerstraat te krijgen. Mijns inziens gaat daarmee toch een groot deel van de geheimzinnigheid verloren en dat zou mij zeer spijten.

Kan iemand mij nu uitleggen waarom sommige mensen vinden dat dit gebouw er op deze plaats niet had moeten komen?

Herman Pinkse

[Reactie van Walther Schoonenberg]

(Uit: Binnenstad 188, mei 2001.)

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.