Ricardo op de Zeedijk

Heeft Ricardo, die slaapkop zonder alcohol, iets met de Zeedijk? Ja hoor, dat valt best mee.
Toen ik nog leraar was, tekende ik wel eens het begin van Amsterdam op het bord. Je nam de wijde trechtermond van de Amstel, je legde er een dam in en dan ging aan beide zijden van de Amstel met je krijtje naar boven: dat waren de dijken Warmoesstraat en Nieuwendijk. De Nieuwendijk kon je vrij makkelijk naar links doortrekken, richting Spaarndam; de Warmoesstraat boog scherp naar rechts-onder en bereikte met een sierlijke s-bocht de Waag op de Nieuwmarkt. Dat was de Zeedijk. Die dijken lagen hoger dan hun omgeving, wat je nog kon zien aan de helling van de steegjes die erop uitkwamen.
Café 't Mandje was tegen de Deelraad Binnenstad die er nu toch komt.

Het viel me niet makkelijk, de kloof van het gebrekkige voorstellingsvermogen te overbruggen. Ja, het lesgeven werd moeilijker naarmate ik me meer bewust werd hoe weinig een kind van zestien zich kan of wil voorstellen. Ze willen, als je geluk hebt, nog wel aan je lippen hangen, maar het was de vraag of er iets tastbaars in de herinnering zou beklijven. Ik probeerde die kloof te dichten door op zondagochtend met een klas in de binnenstad te gaan wandelen. Dan sta je op een goed moment op het punt waar de Warmoesstraat en de Zeedijk beginnen, bij het sluisje van de Oudezijds Kolk. Daar heb je zowat alles bij elkaar, de geschiedenis van Amsterdam in één oogopslag. De huizen met hun achterkant in het water; het 'Houten Huis', waarbij het verhaal hoort dat er na de brand van 1452 geen houten huizen meer mochten worden gebouwd; de neobyzantijnze Sint Nicolaaskerk, vrucht van de emancipatie van de rooms-katholieke kerk dank zij Thorbecke; en de gotische Oude Kerk, die oorspronkelijk aan onze beschermheilige Sint Nicolaas gewijd was, maar die na de Alteratie van 1578, toen Amsterdam de partij van de Hervorming en de Opstand tegen Spanje koos, niet meer naar een heilige mocht heten.
En dan de naam Zeedijk. Het Amsterdamse spraakgebruik zegt Zeedijk met de klemtoon op dijk. Een schoolkind ziet niet meteen, dat dit een dijk was, die Amsterdam tegen de zee moest beschermen, dus een zee-dijk. Want waar is de zee? Dat is bij de Hondsbosse zeewering wel anders. Je moet dus uitleggen, dat het land ten noorden en ten oosten van deze dijk 'buitendijks' was en vrij mocht overstromen als het water hoog stond. Geleidelijk werd dat land ingepolderd en binnen de stadswallen gebracht; dat gebeurde op de wens van de bewoners, die er kleine bedrijven hadden gesticht, uiteraard veel scheepsbouw. Daar in het oude oosten van Amsterdam is telkens opnieuw land aangeplempt, beschermd en binnen de stadsgrenzen getrokken.

Kid Dynamite

Natuurlijk kende ik de Zeedijk al van voordat ik leraar werd, maar toen dacht je nog niet zover door, je ging gewoon uit. Eens was de Zeedijk een deftige lokatie geweest, een woonstraat die hoger dus droger lag dan de omgeving. Ze grensde direct aan de natuurlijke haven van Amsterdam, de mond van de Amstel. De havenmond werd te klein voor de steeds groter wordende schepen en in 1889 werd hij definitief afgesloten door het Centraal Sation. De haven van Amsterdam verhuisde naar het kunstmatig aangelegde Oostelijk Havengebied. Dat was nog vrij dichtbij, maar je kon niet zeggen dat er zeemansleven bespeurbaar was op de Zeedijk. Trouwens, de 'zeeman' uit de smartlappen bestond op die moderne schepen al lang niet meer. Noem het maar een beetje een exotisch uitgaansleven met vrolijke Surinamers en bescheiden Chinezen. Er was een prachtig restaurant Le Chat qui Pelotte, De kaatsende kat, op de hoek van de Oudezijds Kolk. Er was de dancing Casablanca en Café 't Mandje van Bets van Beeren en op de Nieuwmarkt had je de Cotton Club.

In Casablanca speelde het combo van Kid Dynamite, met een bassist, die zo voornaam achter zijn bas stond, dat we hem de deftige sprinkhaan noemden. Daar maakte ik mee, dat de paren los van elkaar dansten en elkaar dwars door het gewoel toch weer terugvonden. Dan daar smeten de jongens de meiden door de lucht, ik geloof dat we het de jitter bug noemden. Als we met heel mooie vriendinnen binnenkwamen (zo jong als we waren, en zo anders, ja dat was opvallend, het was 1951), barstte het combo van geestdrift uit in jam en in solo's en de bassist vergat zijn voorname houding en draaide zijn bas als een dolle in de rondte. Kid Dynamite (pseudoniem van A. Parisius) kwam in 1963 om het leven bij een verkeersongeluk in de buurt van Hamburg.
De havens verhuisden naar de oostkant van Amsterdam, dichter bij zee en zonder de barrière van de Hembrug. Het Havengebouw van 1960 symboliseert, als tegenhanger van het Scheepvaarthuis uit 1916, deze verandering. Er kwam de klad in de Zeedijk. Drugs kwamen met de welvaart en de Vietnamoorlog. Doordat rond 1974 een aantal heroïne-café's op andere plaatsen werd gesloten, concentreerde de handel in hard drugs zich op de Zeedijk. Einde schilderachtige zeemansbuurt. Nieuwe jonge mensen zochten nieuw vermaak op andere plaatsen.
Nu is de Zeedijk 'schoon' gemaakt. Het gat dat jarenlang braak heeft gelegen, is gedicht door de Boeddhistische tempel. Het moet een klein wonder zijn, als het lukt een prettige uitgaansbuurt van de Zeedijk te maken, want uitgaan moet spontaan zijn en laat zich niet dwingen.

Ricardo

(Uit: Binnenstad 188, mei 2001.)

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.