Restauratie van het Blaauwlakenblok begonnen

Het gat Sint Jansstraat 3-5 (het Rijksmonument op nummer 3 is recent gesloopt) Sint Jansstraat 25 (gat) en 27-29. De twee monumenten worden hersteld. Sint Jansstraat 35 (onderstuk) en 37-39. De twee monumenten worden hersteld.
In het hart van de middeleeuwse stad, tussen de Warmoesstraat, de Sint Jansstraat, de Oudezijds Voorburgwal en de Sint Annenstraat, ligt een sterk verpauperd bouwblok, het Blaauwlakenblok. Het ontleent zijn naam aan een steeg in het blok, de Blaauwlakensteeg.

Die naam verwijst, net als die van de Zwartlakensteeg, naar de lakenhandel, die hier lang geleden was gevestigd. De Leidekkerssteeg, die met een boog van de Oudezijds Voorburgwal naar de Sint Jansstraat loopt, is genoemd naar een vroegere bewoner. Hoe de laatste steeg in dit gebied, de Gooyerssteeg, aan zijn naam komt is (mij) niet bekend. Drie van de vier genoemde stegen lopen dood en dat lijkt, afgaande op oude kaarten, altijd het geval te zijn geweest. Opvallend is dat de stegen allemaal op de Oudezijds Voorburgwal aansluiten. Als je kijkt naar de bebouwingsgeschiedenis is dat niet onlogisch.

Zo gaat de Sint Jansstraat er straks uit zien. Merk de zorgvuldige wijze op waarop de nieuwbouw (3-5, 25, 31-35 en 41-43) in de gevelrij wordt opgenomen.

De oudste bebouwing staat aan de Warmoesstraat. Al in de 13de eeuw werd hier gebouwd. De grond en de huizen aan de Warmoesstraat waren ongetwijfeld duur en de dijkbebouwing zal dicht op elkaar hebben gestaan. De kavels waren oorspronkelijk heel diep en liepen door van de Warmoesstraat tot de Oudezijds Voorburgwal. Geleidelijk zijn die lange kavels gesplitst en ontstond er aan de Oudezijds Voorburgwal zelfstandige bebouwing. Het binnenterrein raakte ook bebouwd. Je ziet achterhuizen verschijnen en er komen geleidelijk woningen en bedrijfsgebouwen langs de genoemde stegen. Recent archeologisch onderzoek heeft overigens laten zien dat aan de Leidekkerssteeg al in het begin van de 14de eeuw een huis heeft gestaan. De stegen, die oorspronkelijk wellicht als achterontsluiting voor de bebouwing aan de Warmoesstraat hebben gediend, kregen geleidelijk een functie voor de ontsluiting van de afgesplitste binnenterreinen en de steeds omvangrijker bebouwing daarop. De aansluiting op de Oudezijds Voorburgwal lijkt dus heel verklaarbaar.

Detail van de kaart van Cornelis Antonisz. uit 1545, waarop het Blaauwlakenblok is aangegeven.

Op de kaart van Cornelis Antonisz. van 1544 zijn nog veel tuinen te zien maar op de kaart van Balthazar Florisz. van 1625 is het binnenterrein al intensief bebouwd.
De eerste kadastrale kaart van rond 1825 geeft een goed beeld van de omvang van de percelen. De kavels aan de Warmoesstraat zijn in het algemeen heel groot en voor een flink deel bebouwd. Alleen achter op deze kavels tussen de Gooyerssteeg en de Zwartlakensteeg is nog open ruimte. Op de kaart van Lohman van 1876 is alleen het achtererf van Warmoesstraat 149 en 151 nog voor een flink deel onbebouwd. Ook dat is intussen verleden tijd, want daar manifesteert zich nu de studentenvereniging ASC/AVSV in de vroegere gebouwen van drukkerij De Bussy Ellerman Harms.

De planontwikkeling

Rond de Tweede Wereldoorlog was er in het gebied een sterke menging van wonen en werken in een zeer dichte pakking. Er was een flink aantal monumenten (ca. 40) maar een aanzienlijk deel van de bebouwing, waaronder sommige monumenten, voldeed niet meer aan redelijke eisen. Stadsvernieuwing was dringend nodig, maar die liet lang op zich wachten. Na de oorlog heeft De Bijenkorf in het gebied een actief aankoopbeleid gevoerd met de bedoeling hier na sloop een parkeergarage te bouwen. Toen die plannen van de baan waren is het bezit van De Bijenkorf in de tachtiger jaren gekocht door de gemeente, die het Bouwfonds Nederlandse Gemeenten (BNG) als ontwikkelaar inschakelde. Maar intussen waren, zoals viel te verwachten, veel panden gekraakt. Er begon een lang proces van onderhandelen dat in 1984 leidde tot een gebruikersovereenkomst tussen het BNG en de bewoners. Daarin waren o.a. afspraken over het opstellen van een programma van eisen opgenomen. Door wethouder Schaefer was aan de bewoners een terugkeergarantie tegen een vergelijkbare huur gegeven. Overeenstemming over het programma van eisen is er nooit gekomen. Daaraan zullen zowel de toezegging van Schaefer als de cultuur binnen het toenmalige BNG, dat tamelijk autoritaire trekjes had, niet vreemd zijn geweest. Het begrip 'vechten tegen de bierkaai' (een oude naam voor dit gebied) heeft voor het BNG hier een heel concrete inhoud gekregen en het bedrijf verdween begin 1989 buiten beeld. Het gemeentelijk grondbedrijf nam het beheer over. Er kwam na bemiddeling van de Amsterdamse Federatie van Woningbouwverenigingen in de persoon van de toenmalige secretaris daarvan, de heer Stadig, een voorstel op tafel waarin ieder zich eind 1991 kon vinden. Voorwaarde was wel dat er overeenstemming zou worden bereikt over een stedenbouwkundig plan. De Bewonersvereniging Blaauwlakenblok was en is in dit proces een belangrijke partij.
In maart 1994 kwam er een aanzet tot een stedenbouwkundig plan van DRO en op 25 september 1997 kon de inmiddels gesloten Raamovereenkomst worden getekend. De uitwerking van het stedenbouwkundig plan kon beginnen. Dat is tot een goed einde gekomen en in 2001 verschenen de eerste concrete bouwaanvragen binnen het gemeentelijk project. Die status had het toen formeel nog wel, maar op 26 april 2002 is het project Blaauwlakenblok officieel overgedragen door het stadsdeel Amsterdam-centrum aan de Woningstichting De Key, die als ontwikkelaar optreedt. Meer dan twintig jaar planontwikkeling leidt eindelijk tot uitvoering.
Niet het hele blok valt binnen het project want ca. 30 % van het geheel is in particuliere handen. En een deeltje van het gemeentelijk bezit is al eerder ontwikkeld door Stadsherstel, zoals de lezers van dit blad ongetwijfeld bekend zal zijn, t.w. de panden Sint Annenstraat 10 t/m 16. Die bieden nu via de Stichting Jan Pietersz. Huis huisvesting aan muziekstudenten. Over de bijzondere plafonds in nummer 12 is al veel gepubliceerd en ook de nieuwe top van dit pand heeft ruime aandacht gekregen. Zie o.a. Nieuwsbrief nr. 26, zomer 1994, van de Vereniging Vrienden van de Amsterdamse Maatschappij tot Stadsherstel (sinds enkele jaren Stadsherstel Amsterdam N.V.) en eerdere artikelen in Binnenstad (Sint Annenstraat 12 en Plafondschildering in Sint Annenstraat 12).

De planinhoud

Behoud en herstel van de oude stedelijke structuur, zoveel mogelijk behoud en renovatie van bebouwing, versterking van de woonfunctie en scheppen van veel woon- en werkruimten voor kunstenaars, verbetering van het woon- en leefklimaat, afstemmen van de inrichting van het gebied daarop, zoveel mogelijk herhuisvesting ter plaatse van de huidige bewoners en gebruikers, verwijderen van niet passende activiteiten en binnen de structuur hier en daar wat meer openheid, dat zijn de belangrijkste uitgangspunten voor de planvorming. Het is hoog gegrepen, maar de eerste uitvoeringsplannen zijn hoopgevend.
Het blijft overigens een probleem dat midden in het plangebied de grote voormalige drukkerij en huidige sociëteit ligt. Het complex blijft buiten de planvorming, maar vormt wel een bron van overlast. Het is bovendien veel te grootschalig, een soort koekoeksjong. Vervanging door kleinschalige gemengde bebouwing zou de kwaliteit van het gebied flink kunnen verhogen. Een utopie of een reële mogelijkheid?
Een tweede tamelijk omvangrijk complex van de Stichting W139 omvat een theater en een dansstudio op Warmoesstraat 139-139a, doorlopend achter 141 en 143 en diep het gebied instekend. Het is de bedoeling dat op langere termijn de dansstudio verdwijnt. Die ligt het verst naar achter, midden in het blok. Voorlopig is er echter een bouwplan van Architectenbureau Vincent Smulders ingediend dat alleen het theatergedeelte omvat. Achter139a komt iets meer lucht, maar dat smalle perceel, eigenlijk alleen een doorgang, wordt wel opgehoogd met enkele kantoorlagen voor de Stichting W139.
Al eerder zijn kleinschalige bouwplannen van Architectenwerkgroep Antwerp - bOb Van Reeth voor de open plekken en de niet te herstellen bebouwing aan de Sint Jansstraat ingediend. Het gaat voornamelijk om atelier- of bedrijfswoningen die modern van uiterlijk zijn, maar met hun indeling prachtig inspelen op de aanwezigheid van de Leidekkerssteeg en daarmee de historische structuur op een knappe wijze nieuw leven inblazen. Dat zoiets goede resultaten kan opleveren heeft dit bureau laten zien met het project aan de Mariaplaats in Utrecht.

Voor de hoek Sint Annenstraat/Warmoesstraat is een bouwplan van Soeters in aantocht.

Of het mogelijk is de stegen in het gebied weer openbaar terrein te maken blijft twijfelachtig. Dat is wat iedereen het liefste wil, maar zal dat lukken? Bij de bebouwingsplannen moet daarmee vanaf het begin rekening worden gehouden. Alleen als er aan de stegen functies komen die contact met de straat waarborgen is er kans van slagen. Dit plan aan de Sint Jansstraat/Leidekkerssteeg schept daarvoor in ieder geval zo goed mogelijke voorwaarden.
Voor de hoek Sint Annenstraat/Warmoesstraat is een bouwplan van Architectenbureau Soeters Van Eldonk Ponec in aantocht. De aanwezige bebouwing, alleen bestaande uit onderstukken, wordt gesloopt. Oorspronkelijk was het de bedoeling ook Warmoesstraat 133-135 en 137 te slopen. Dat laatste ca. 4 meter brede pand is nota bene genomineerd als gemeentelijk monument. Gelukkig is van dat plan afgestapt en wordt nu uitgegaan van renovatie. Wel moet 137 een nieuwe achtergevel krijgen. Het plan van Soeters c.s. is in het stadium van het voorlopig ontwerp. Een blok van ca. 5 bij 23 meter in vijf lagen met zijn smalle kant aan de Warmoesstraat. Duidelijk eigentijds vormgegeven, maar wel op de vlucht gebouwd. Naast de twee te restaureren monumenten Sint Annenstraat 6 en 8 is een glazen trappenhuis geprojecteerd.

Sint Jansstraat 15-45. Boven: oude toestand. Onder: huidige toestand.

Afgezien van drie pandjes aan de Zwartlakensteeg en een aan de Blaauwlakensteeg wordt er in het gebied geen nog aanwezige bebouwing gesloopt. Natuurlijk is er al het nodige verdwenen, maar dat was voor een deel onvermijdelijk. Aan de Sint Jansstraat zijn in de loop van de jaren helaas ook verschillende monumenten verdwenen. Een nog aanwezig monumentaal pand bleek bij nader inzien onherstelbaar en wordt vervangen door nieuwbouw. De top van dit pand wordt gelukkig wel gebruikt voor de restauratie van een monument verderop in de straat.
Binnen het projectgebied komen ongeveer 120 woningen en 60 ateliers/bedrijfswoningen. Dat betekent dat er vergeleken met de huidige situatie 20 woningen bijkomen. Ongeveer 80 % van het totale woningaantal wordt verkregen door restauratie en renovatie. Van het totaal wordt ongeveer 30 % in de vrije (koop)sector gerealiseerd, m.n. aan de Oudezijds Voorburgwal. Dat betekent dat er een ongebruikelijk groot aandeel huurwoningen in dit gebied komt. Wat daarvan tot de sociale huursector mag worden gerekend is niet direct duidelijk. Veel woningen voor starters zullen er waarschijnlijk niet bij zijn, maar dat geldt voor bijna alle nieuwbouw.
Omdat er veel wordt gerestaureerd en gerenoveerd is het aandeel nieuwbouw bescheiden. Er wordt geen poging gedaan die nieuwbouw te maskeren, maar zeker de woningen aan de Sint Jansstraat en de Leidekkerssteeg passen zeer goed in de historische stedenbouwkundige structuur. Hopelijk krijgt nu ook de parkeergarage van Krasnapolsky een facelift; zolang er auto wordt gereden kun je niet verwachten dat hij zal verdwijnen.

Hoewel het nog veel te vroeg is voor een eindoordeel lijkt er aanleiding tot enig optimisme. Bij de beoordeling van het eindresultaat is voor onze vereniging natuurlijk een belangrijk criterium of uiteindelijk een gebied is ontstaan dat nog steeds goed herkenbaar is als een van de oudste Amsterdamse binnenstadsgebieden. Dat het in die context tegelijk moet voldoen aan redelijke eisen van licht, lucht, openbaarheid en veiligheid spreekt vanzelf.

Herman Pinkse

(Uit: Binnenstad 195, nov. 2002.)

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.