In memoriam Geurt Brinkgreve
Geurt Brinkgreve overleed in zijn geliefde kunstenaarssociëteit Arti et Amicitiae. Dat is de plaats waar zijn strijd voor het behoud en herstel van de Amsterdamse binnenstad een halve eeuw geleden is begonnen. In een toespraak die hij in 1954 hield voor de ‘Amsterdamse Kring’ zei hij: “De komende tien jaar zal de beslissing brengen of de schoonheid van Amsterdam verloren gaat of behouden blijft”. Tegenwoordig lijkt het vanzelfsprekend om een monumentale stad te koesteren, maar dat is het niet. Vele historische steden zijn tot enkele restanten gereduceerd of zelfs geheel weggevaagd. In het boek van de Amerikaanse hoogleraar Tung, waaraan Geurt zijn laatste artikel in Binnenstad heeft gewijd, wordt gewezen op het feit dat het behoud van de Amsterdamse binnenstad internationaal gezien een zeldzaam voorbeeld vormt.De strijd om de schoonheid van Amsterdam is gewonnen. Geurt was niet de enige actievoerder – resultaten worden alleen in teamwork bereikt – maar hij was wel de belangrijkste. Hij begreep de bijzondere waarde van de binnenstad op een cruciaal moment in de recente geschiedenis van Amsterdam. Geurt voerde niet alleen actie, hij gaf ook het goede voorbeeld door restauraties ter hand te nemen. Aanleiding was een vraag van Hein Weller, hoofd van het bureau Monumentenzorg, aan Arti of er onder de kunstenaars een koper te vinden zou zijn voor een bedreigd woonhuismonument in de Jordaan: Eerste Tuindwarsstraat 19. Het werd de eerste restauratie van de stichting Diogenes en de ‘tros van kleine stichtingen’ in het Aalsmeerder Veerhuis die daaruit voortkwam. Geurt toonde aan dat versleten antieke huizen opgeknapt konden worden en voorzien van modern wooncomfort, zonder dat hun waarde voor het stadsgezicht verloren ging. Hij kreeg het verwijt een openluchtmuseum te creëren. In werkelijkheid werd de historische binnenstad de meest gewilde woonlocatie van Nederland. Het ging Geurt overigens niet om de monumenten alleen, maar ook om de mensen. In dat licht moeten we de oprichting in 1975 van de Vereniging Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad zien, één van Geurts laatste initiatieven. De vereniging moest niet alleen opkomen voor het behoud van het stedenschoon, maar ook stelling nemen in zogenaamde ‘binnenstadproblemen’. De historische architectuur kon immers alleen worden gered als de woonfunctie behouden bleef. Met zijn vele artikelen – ik heb er bijna achthonderd geteld – wist hij velen te inspireren
en enthousiast te maken voor Amsterdam. Ook mijn eerste kennismaking met Geurt was
via zijn geschriften. In levende lijve zag ik Geurt enige tijd later op een ledenvergadering
van onze vereniging. Uit de zaal werd hem de vraag gesteld waarom hij in Binnenstad
zoveel kritiek uitte op de Rijksdienst voor de Monumentenzorg. Dat waren toch onze
bondgenoten? Met Geurt verliest de vereniging haar bezielende oprichter en belangrijkste inspirator. Wij zullen hem missen en zijn werk – naar vermogen – voortzetten. Walther Schoonenberg, |
(Uit: Binnenstad 211, mei 2005)
[Inloggen]
Reacties
Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.
Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.

