Monumentenregister wordt geactualiseerd
Het register van beschermde rijksmonumenten wordt geactualiseerd. Medewerkers van het project ‘Actualisering Monumentenregister’ van het Ministerie van OC&W maken momenteel afspraken met monumenteneigenaren om de ‘redengevende omschrijving’ in het Monumentenregister aan te vullen met actuele gegevens.
Vorig jaar heeft staatssecretaris Medy van der Laan een moratorium ingevoerd m.b.t. het aanwijzen van nieuwe rijksmonumenten. Eerst moet in haar visie een nieuw monumentenbeleid worden geformuleerd, resulterend in een herziening van de Monumentenwet 1988. Met het ‘nieuwe monumentenstelsel’ is al een tipje van de sluier opgelicht welke kant dat op zal gaan. De nieuwe instandhoudingsregeling (Brim) is op 1 februari 2006 ingegaan. De nadruk van het beleid ligt op onderhoud, niet op restauratie, omdat bij restauratie altijd authentiek materiaal verdwijnt.
Er is alle reden te vrezen dat monumenten die volgens de nieuwe criteria niet voldoende
monumentaal worden bevonden, bijvoorbeeld omdat zij zijn herbouwd, in de toekomst uit het
Monumentenregister worden geschrapt. Vooral voor Amsterdam kan de herselectie rampzalig
uitpakken, ook omdat er in onze monumentenstad relatief zeer veel kleine woonhuismonumenten
zijn, die niet allemaal afzonderlijk van groot belang zijn, maar wel als onderdeel van een gaaf
stadsbeeld.
Op de website van het Bureau Monumenten & Archeologie (BMA) staan de volgende
geruststellende woorden: “Vanaf september (2005) bezoeken medewerkers van het project
Actualisering Monumentenregister de rijksmonumenten in Amsterdam om het inmiddels
verouderde en incomplete monumentenregister van actuele en juiste informatie te voorzien. De
beschermde status van de rijksmonumenten verandert daarbij niet.”
(bron: www.bma.amsterdam.nl.)
Ondanks deze woorden is er reden voor zorg. De Raad voor Cultuur heeft de staatssecretaris in het rapport “Het tekort van het teveel, over de Rijksverantwoordelijkheid voor cultureel erfgoed” uit september 2005 geadviseerd tot een drastische vermindering van het aantal monumenten te komen. De reden is bezuiniging, het middel daartoe is herinventarisatie. Het Nationaal Contact Monumenten (NCM), een koepel van particuliere monumentenorganisaties waarbij ook de VVAB is aangesloten, luidt de noodklok: “Het NCM kan niet anders dan concluderen dat er grote ongerustheid bestaat over het voortbestaan van het bouwkundig cultureel erfgoed in ons land”. In een brief aan de staatssecretaris poneert de contactorganisatie de volgende stellingen:
- Voordat enige discussie over dit onderwerp gevoerd kan worden, moet eerst het monumentenregister op orde worden gebracht. De vervuiling in het register (niet meer bestaande of sterk gewijzigde monumenten en niet meer passende omschrijvingen) moet eerst verholpen worden. Ondanks kostbare pogingen tot nu toe is dat nog niet gelukt.
- Er moeten eerst deugdelijke selectiecriteria worden aangelegd voor het aanwijzen van toekomstige monumenten. Bij deze criteria moet ook het aspect van de ruimtelijke kwaliteit worden betrokken.
- Het overhevelen van Rijksmonumenten naar een gemeentelijke of provinciale lijst biedt geen soelaas.
- Het getuigt van onbehoorlijk bestuur om eigenaren van monumenten eerst te enthousiasmeren om hun monument te restaureren en te onderhouden om vervolgens deze eigenaren te laten weten dat hun monument van de lijst zal worden afgevoerd.
- Cultuurhistorische waardestelling dient te geschieden op grond van inhoudelijke criteria. Financiële argumenten mogen niet worden meegewogen.
Walther Schoonenberg
(Uit: Binnenstad 217, juni 2006)
[Inloggen]
Reacties
Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.
Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.
