Trap in Koninklijk Paleis niet zeventiende-eeuws

De door Het Parool opgeklopte en op feitelijke onjuistheden gebaseerde berichtgeving over de sloop van een vermeende ‘keizerlijke zeventiende-eeuwse trap’ in het voormalige stadhuis van Jacob van Campen heeft tot een discussie in de deelraad geleid waarbij ook de Vereniging was betrokken. De deelraad stemde in met de sloop van een trap die niet zeventiende-eeuws is, maar dateert uit 1937.

De Werkgroep Waakhond tipte het bestuur toen de verbouwtekeningen voor het Koninklijk Paleis ‘ter visie lagen’. Vanwege het veiligheidsrisico voor het staatshoofd lagen deze niet in het stadhuis, zodat de Werkgroep ze niet kon inzien, maar moest een aparte afspraak worden gemaakt. Omdat de Vereniging overwoog tegen de sloop van de trap bezwaar in te dienen, heeft de voorzitter van de Vereniging – in het kielzog van o.a. de voorzitter van de Commissie voor Welstand en Monumenten – de bouwtekeningen bekeken en een bezoek ter plaatse gebracht.

In het desbetreffende trappenhuis bevond zich echter geen monumentale zeventiende-eeuwse trap, maar een niet-authentieke, betonnen trap uit 1937. De benaming 'keizerlijke trap' heeft hier geen betrekking op de monumentaliteit, maar op het type, dat via een centrale trap naar een bordes leidt en vervolgens middels twee keertrappen naar een volgend niveau. Een van de twee keertrappen wordt nu vervangen door een lift, terwijl die aan de andere zijde begaanbaar blijft. De structuur van het trappenhuis en de belangrijke voorportalen, die wel uit de zeventiende eeuw dateren, blijven bij de geplande liftinbouw intact. Bovendien is de liftinbouw reversibel, zodat in de toekomst reconstructie van de zeventiende-eeuwse trap tot de mogelijkheden behoort. Ook de bewering dat het om de laatste trap van dit type in het Paleis zou gaan is onjuist; elders in het gebouw bevindt zich er nog een. De doorslaggevende reden om geen bezwaar in te dienen was dat er een goede afweging is gemaakt tussen de monumentale waarde van de trap, die volgens ons gering is, en het belang van de gebruiker dat als reëel en niet buitensporig werd gezien. De Rijksgebouwendienst bleek bovendien op voorbeeldige wijze met het gebouw om te gaan. Alles van monumentale waarde was zorgvuldig afgetimmerd.

Walther Schoonenberg

(Uit: Binnenstad 217, juni 2006)

Plattegrond van de hoofdverdieping van het Paleis. De vier 'keizerlijke' trappenhuizen waarvan er nog twee zonder liftinbouw waren, zijn duidelijk zichtbaar. Het trappenhuis met een betonnen trap uit 1937 waarin thans een lift wordt gemaakt, is rood ingekleurd.

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.