XII. Erkers

In de vorige aflevering is het fenomeen uitstalkasten behandeld. Een ander vooruitstekend bouwonderdeel van historische gevels is de erker. Dit in het oog springende onderdeel ontstond vanuit een ander gebruik, namelijk als uitzichtpunt van binnen naar buiten. De tegenwoordig zo geliefde erkerwoningen uit de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw voldoen nog steeds aan een grote behoefte. Voordelen van de erker zijn dat je goed de straat in kunt kijken en dat er veel licht naar binnen valt. Ook bij huizen uit de negentiende eeuw komt de erker veel voor, maar voor die tijd ziet men ze weinig of zelden. Hoe zijn deze erkers eigenlijk ontstaan? Hoe werden ze vormgegeven en wat valt er op aan deze kwetsbare sierlijke gevelornamenten?

Arkeltorens

Afb. 1: Zeedijk 4 (vóór 1600). Uit: C. Commelin, Beschrijvinge, 1693.

In de Middeleeuwen waren goede uitzichtpunten bij de verdediging van kastelen en steden van strategisch belang. Om die reden hadden arkeltorens, hoek- en traptorens met schietsleuven, overgenomen uit de Arabische bouwkunst, vaak een zes- of achtkantige plattegrond. In het Middelnederlands betekent ‘arkel’ cirkel, ring of kring. Deze vormgeving werd door de adel overgenomen voor stenen huizen of voor voorname stadhuizen. Het stadhuis van Veere (1474-’76) bijvoorbeeld heeft van dergelijke ‘erkel’- hoektorentjes. De vorm van de erker komt hieruit voort.
Voor zover bekend werden de eerste erkers in Amsterdam toepast bij de Handboogdoelen, Singel 321. Het Scutterenboeck geeft informatie over het maken van een ‘hangkamer’ in het voorhuis. Hierin staat dat er in de hangkamer van de Handboogdoelen twee erkers (1553) aan de gevel zijn gemaakt.
Bij houten huizen uit die tijd werden eveneens hangkamers met erkers in de onderpui aangebracht, zoals bij Kalverstraat 2 uit 1594. Dit is te vinden in de historische Beschrijvinge van O. Dapper uit 1663 en in de Beschrijvinge van C. Commelin uit 1693 (afb. 1). Door de ontwikkeling van de plattegrond van het woonhuis in de zeventiende eeuw verdwijnen de hangkamers uit het voorhuis. Wanneer er in het voorhuis zijkamers worden gemaakt verdwijnt de behoefte aan erkers als uitzichtpunt, en in de achttiende eeuw ontwikkelt de plattegrond zich tot een geheel van zijkamers met gang. Vanaf die periode worden in Amsterdam tot aan de negentiende eeuw geen erkers meer toegepast.

Trap- en erkertorens

Vondelstraat 73-75 (Foto 1) Keizersgracht 508 (Foto 2)

In de periode van de neostijlen, na het midden van de negentiende eeuw, wordt onder meer de vormentaal van de Hollandse Renaissance uit de zestiende en zeventiende eeuw weer in de bouwkunst toegepast. Architect P.J.H. Cuypers was een groot bewonderaar van de werken van de Franse architect Viollet-le-Duc en bezocht op jeugdige leeftijd, in 1849, Parijs. De torens van het Rijksmuseum met hun hoge spitsdaken (1876-1885) en de villa ‘Nieuw Leyerhoven’, Vondelstraat 73-75, uit 1876 met zijn trap- en erkertorens zijn voorbeelden van deze stijl (foto 1). Ook architect I. Gosschalk werkte vanaf 1867 in deze vormentaal en maakte een erker- en traptoren aan zijn huis Weteringschans 113 uit 1882 (tek. 1). De erker werd als het ware herontdekt en steeds vaker toegepast. Architect A.C. Bleys ontwierp voor Keizersgracht 508 (1881) weer een iets ander type hoekerker waarbij niet alleen de Hollandse Renaissance maar ook karakteristieke Duitse vormen zijn gebruikt (tek. 2 en foto 2). Aan de onderkant van de erker is het borstbeeld van P.C. Hooft te zien en ter herinnering aan het geboortejaar (1581) van deze Nederlandse dichter, historicus en rechtsgeleerde is blijkbaar in 1881 na 300 jaar dit neorenaissance gebouw opgericht. De erker is onder meer voorzien van rijk bewerkte consoles, waarop Pegasus is afgebeeld, het gevleugelde paard dat de dichter draagt, uit de Griekse mythologie. Aan weerszijden hiervan zijn twee fraaie bas-reliëfs aangebracht. Naast Hollandse Renaissancevormen paste men in die periode ook vormen uit andere landen (Duits en Frans) toe.

Eén van de griffioen-consoles die de erker van Keizersgracht 508 dragen. Keizersgracht 174-176
(Foto 3)
Spuistraat 274
(Foto 4)

Ook werd een erkertoren wel in het midden van een gevel toegepast, zoals bij Damrak 60 uit 1889 van architect W. Langhout (tek.3). In 1892 ontwierp architect G. van Arkel het huis aan de Plantage Middenlaan 36 met een erker in gemengde gotische en Hollandse Renaissancestijl (tek. 4 ). Terwijl dezelfde architect enkele jaren later, vanaf 1896, in de Art Nouveau-stijl of Jugendstil ging werken, waarbij hij eveneens veel erkers toegepaste. Onbewust deed hij zijn naam met de vele erkers eer aan, zie Spui 15, Keizersgracht 174-176 (foto 3) en het winkel/woonhuis Spuistraat 274 uit 1898 (foto 4).

Tek. 1 Tek. 2 Tek. 3 Tek. 4
Tek. 5 Tek. 6

Gevelerkers

Vanaf het begin van de twintigste eeuw werden gevelerkers in verschillende stijlen toegepast, zie Koningslaan 14-16 van K.P.C. de Bazel (1904) en Vrijheidslaan 10 van Michel de Klerk uit 1921-1922. In Plan Zuid van H.P. Berlage zijn veel woningen met erkers uitgevoerd. Ook in de grachtengordel zijn ze te vinden, een prachtig voorbeeld uit de Amsterdamse School-periode is het hoekpand Keizersgracht 660 / Vijzelstraat 81-83 uit 1926-1928 van architect C. Kruyswijk (tek. 5). Dit bijzonder fraaie ontwerp heeft hoekerkers in twee richtingen. Een voorbeeld van een erker in de stijl van het Modernisme kan men vinden op Valeriusstraat 55, een pand van L.H.P. Waterman uit 1935 (tek. 6). Gevelerkers zijn niet meer weg te denken uit onze architectuur. Ze zijn momenteel weer zeer geliefd vanwege de lichtinval naar binnen en het uitzicht naar buiten. Erkerwoningen worden momenteel dan ook weer in grote hoeveelheden gebouwd.

Theo Rouwhorst

Literatuur:
C. Commelin, Beschrijvinge van Amsterdam (1693)
O. Dapper, Beschrijvinge der stadt Amsterdam (1663)
G. Kemme, Amsterdam Architecture. A Guide (1996)
R. Meischke, Huizen in Nederland. Amsterdam (1995)
David Watkin, De westerse architectuur. Een geschiedenis (1994)
H.J. Zantkuijl, Bouwen in Amsterdam (1993).

(Uit: Binnenstad 223/224, oktober 2007)

Vorige aflevering: XI. Uitstal- of winkelkasten (Binnenstad 222)
Volgende aflevering: XIII. Houten kroonlijsten (Binnenstad 226)

[Oog voor detail - alle artikelen]

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.