Verdozing treft Artis Ledenlokalen

Rechts van de ingang van Artis, op de hoek van de Plantage Kerklaan en de Plantage Middenlaan, bevindt zich een gebouw dat in 1868 werd ontworpen door architect G.B. Salm, de zogenaamde Ledenlokalen van Artis. Dit gebouw, waarin tot voor kort TV-studio’s waren gevestigd en dagelijkse talkshows werden opgenomen, is herbestemd tot restaurant, terwijl de studio’s bleven bestaan. Het uiterlijk van het bouwwerk is nogal veranderd, vanwege een zwarte doosvormige opbouw op de plaats waar ooit een kap zat. Over de vraag of de historische kap moest worden herbouwd, waren de verschillende monumenteninstanties het niet met elkaar eens, met als resultaat dat er nu voor een eigentijdse oplossing is gekozen.
De nieuwe verdieping op de Ledenlokalen van Artis, hoek Plantage Middenlaan / Plantage Kerklaan (foto Wim Ruigrok).

De geschiedenis van het gebouw is beladen. Het oorspronkelijk in eclectische stijl opgetrokken bouwwerk is gebouwd als ledengebouw van het Koninklijk Zoölogisch Genootschap ‘Natura Artis Magistra’, later deed het dienst als zoölogisch museum en van 1939 tot 1968 was het gebouw in gebruik als bevolkingsregister. De herbestemming in 1939 betekende al voor een groot deel de teloorgang van het oorspronkelijke gebouw. De aanslag door de verzetsgroep van Gerrit van der Veen in 1943, met het doel de deportaties van de joodse bevolking te bemoeilijken, legde het gebouw in de as. Het gebouw verloor hierdoor zijn bovenverdieping en kap. Bij de herbouw na de oorlog kwamen de oude gietijzeren kolommen en constructies niet terug. De betonconstructie uit 1939 had de brand overleefd. Ook de oude kap werd niet teruggebouwd. Het gebouw is een beschermd rijksmonument. In de redengevende omschrijving staat dat het van ‘algemeen belang (is) wegens architectuur- en cultuurhistorische waarde en als historisch-functioneel onderdeel van het Artis-complex’. Daaraan is toegevoegd dat het gebouw tevens van belang is ‘wegens de geschiedkundige herinnering aan de verzetsdaad uit de Tweede Wereldoorlog’. Met andere woorden: het bouwwerk wordt niet alleen gewaardeerd vanwege de negentiende-eeuwse architectuur, maar ook vanwege de twintigste-eeuwse geschiedenis.

Nu deed zich ten behoeve van de nieuwe herbestemming de opgave voor van welke bouwperiode moest worden uitgegaan. De opdrachtgever was sowieso van plan om datgene wat in het interieur origineel was, zoals de plafonds, zo goed mogelijk te herstellen. Vanwege de cultuurhistorische samenhang van de negentiende-eeuwse dierentuingebouwen voelde het gemeentelijke BMA er wel wat voor om de oorspronkelijke kap van Salm terug te brengen, waardoor het aanzicht van het gebouw zou worden hersteld. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) was daar echter tegen. Ook de twintigste-eeuwse periode, die expliciet wordt genoemd in de redengevende omschrijving, was immers van belang, met name de historische aanslag op het Bevolkingsregister.

De onenigheid tussen de monumenteninstanties leidde ertoe dat dat er totaal nieuws is ontworpen. Het resultaat kan iedereen nu met eigen ogen aanschouwen. Het ritme van de pilasters is doorgetrokken in de opbouw, maar geheel geabstraheerd tot onversierde muurdammen tussen grote glasoppervlakken. Hier bovenop staat, iets teruggelegd ten opzichte van de rooilijn, een rechthoekige doos van zwarte metalen strips.

Had het ook anders gekund? Hoe belangrijk is eigenlijk de periode van het Bevolkingsregister voor het gebouw? En heeft de verzetsdaad van Gerrit van der Veen niet vooral een moeilijk meetbaar immaterieel resultaat opgeleverd? Het was een moedige daad, maar de deportatie van de Joodse bevolking van Amsterdam is er niet door voorkomen. Hoe dan ook, het hele gebouw is ondermeer van belang vanwege de aanslag, maar niet zozeer een zichtbare manifestatie van die gebeurtenis. Zo lijkt de omschrijving in het Monumentenregister ook bedoeld. Een historische gebeurtenis is immers in de eerste plaats onderdeel van de geschreven geschiedenis en hoort thuis in geschiedenisboeken. Een tekst of gevelteken op een gebouw kan aan een gebeurtenis herinneren. Ik voel daarom niet de noodzaak de periode van het Bevolkingsregister als zó belangrijk te beschouwen dat een oude kap op een in oorsprong negentiende-eeuws bouwwerk niet zou mogen worden hersteld. De uiteindelijke oplossing, een modernistisch statement in een buurt met een heel specifiek en eigen negentiende-eeuws karakter, vertelt in ieder geval helemaal niets, hooguit dat men tegenwoordig geen enkel respect heeft voor welke geschiedenis of bouwperiode ook.

Walther Schoonenberg

(Uit: Binnenstad 265, juli/augustus 2014)

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.