Oude luister terug in het Doelen Hotel

Bijna geruisloos heropende het afgelopen jaar het vernieuwde Doelen Hotel zijn deuren. Voor menigeen was het een aangename verrassing om te zien dat het hotel, maandenlang verborgen achter enorme steigerdoeken, met deze verbouwing – in tegenstelling tot de vorige uit de jaren zeventig – weer allure heeft gekregen. Van de gevel in zachte aardtinten en de rijke entree tot en met de belvedère, alles ademt weer de grandeur van het bijzondere gebouw zoals dat eind negentiende en begin twintigste eeuw tot stand is gekomen.
De hal van het Doelen Hotel. Foto: Wim Ruigrok

Toch zal het oudheidminnend Amsterdam destijds moeite hebben gekost om dit 'grand hotel' in de armen te sluiten, want voor de bouw ervan werd de eeuwenoude vestingtoren 'Swych Utrecht' gesloopt. Men protesteerde echter tevergeefs: volgens het stadsbestuur was de bouwtechnische staat van de toren, die ruim een meter naar de Doelenstraat overhelde, zodanig slecht dat behoud te kostbaar zou zijn. Zelfs de pogingen van het Koninklijk Oudheidkundig Genootschap en de Amsterdamse afdeling van de Maatschappij tot bevordering der Bouwkunst om het bestuur op andere gedachten te brengen, werden genegeerd. De enige toezegging die de gemeente wilde doen was dat alles van historische en archeologische waarde bewaard zou blijven, maar de oogst was mager: slechts een gevelsteen en een windvaan in de vorm van een schip.
'Swych Utrecht' was in 1482 gebouwd als onderdeel van de eerste stenen ommuring van de stad, aangezien de oude aarden omwalling in deze tijd van Hoekse en Kabeljauwse twisten niet langer voldeed. Amsterdam behoorde tot de Kabeljauwse partij en Utrecht tot de kant van de Hoeken. Als herinnering aan een grote overwinning op de Hoeken kreeg de toren zijn naam als blijvende waarschuwing naar de bisschoppen van Utrecht.
Vanaf 1522 werd 'Swych Utrecht' door de Kloveniers gebruikt om hun kloven (geweren) en overige uitrusting op te bergen. Via een houten luchtbrug konden de schutters de schietbanen aan de overkant van de straat bereiken. In 1633 liet het stadsbestuur ten behoeve van de schutterij tegen de oude vestingtoren een aanbouw neerzetten in Hollandse renaissancestijl. Het complex bestond uit diverse zalen waaronder de Doelenzaal, waar de schutters hun feestelijke bijeenkomsten hielden met schrans- en drinkgelagen. De 'table d'hôte' kwam in zwang. Ook de gegoede burgerij kon hier terecht voor spijs en drank, en er was ruimte om te overnachten. Hier werden zaken gedaan en relaties beklonken.

Nachtwacht

Destijds ging het de stad economisch voor de wind. De schutterij liet zich in de loop der jaren in volle uitrusting schilderen en deze schutterstukken kregen een plek in de Doelenzaal. Er hingen doeken van bekende kunstenaars als Govert Flinck en Bartholomeus van der Helst, maar het beroemdste werk was natuurlijk dat van Rembrandt, wiens Nachtwacht jarenlang in de Doelenzaal heeft gehangen tot het in 1715 uit veiligheidsoverwegingen naar het stadhuis verhuisde, het huidige Paleis op de Dam. Omdat het stuk te groot bleek voor de muur in de burgemeesterskamer werd het aan beide zijden bijgesneden.
In de daarop volgende jaren werd het Klovenierscomplex nog verschillende malen verbouwd en uitgebreid met als gevolg dat de toren vanaf de straat gezien nagenoeg aan het zicht was ontrokken. De schutters maakten nog tot 1802 gebruik van de Doelenzaal en de schietbanen tot koning Lodewijk Napoleon het hele complex opeiste om hier zijn ministerie te huisvesten. Na de Franse tijd werd de ruimte gehuurd door een heer Brack die hier in 1815 het eerste hotel van de stad begon. Na zo'n tachtig jaar in familiehanden te zijn gebleven werd het hotel verkocht. De nieuwe eigenaar liet het gebouw aanvankelijk nog met twee verdiepingen verhogen, maar gaf in het licht van de aankomende wereldtentoonstelling van 1883, de architect J.F. van Hamersveld van het bureau Van Rouendal & Co de opdracht het nieuwe Grand Hotel De Doelen te ontwerpen.

Opkomst toerisme

Plafond met de wapens van de zeven provinciën in de 'Sissi-kamer', de ronde uitbouw van het hotel ter plaatse van de voormalige toren Swych Utrecht. Foto: Wim Ruigrok

Halverwege de negentiende eeuw had het industriële tijdperk zijn intrede gedaan met onder meer de aanleg van spoorwegen. Tegelijkertijd werden in de Europese steden grand hotels gebouwd. Ook in Amsterdam, waar dan langzaam het toerisme begint op te komen. Aanvankelijk konden alleen de rijken het zich veroorloven om per trein door Europa te reizen en te logeren in een omgeving die leek op de paleizen en villa's waar ze in woonden. Zo werd het Grand Hotel De Doelen gebouwd in Franse renaissancestijl, rijk gedecoreerd met natuursteen, wit geschilderde vensteromlijstingen, boogblokken en kroonlijsten.
Als je nu de entree van het Doelen Hotel betreedt, begrijp je de grandeur van die tijd: veel marmer, kroonluchters, de brede trap naar boven en de doorkijk tot aan het glazen dak. Alles ademt luxe en stijl. Met de verbouwing zijn enkele kostbare herinneringen van vroeger blijven bestaan zoals de muur van de oude Doelenzaal, waar ooit de Nachtwacht heeft gehangen. Hieruit valt op te maken dat het oude Bracks hotel niet helemaal is gesloopt. Ook elders in het pand zijn nog sporen van het oude gebouw terug te vinden. De originele gevelsteen, die ooit als zoenoffer diende toen 'Swych Utrecht' gesloopt moest worden, bevindt zich in de collectie van het Amsterdam Museum, maar op de gevel aan de korte kant van het hotel is in 1882 een gevelsteen geplaatst met het aanzicht van de oude toren, gemaakt door beeldhouwer Teixeira de Mattos. Het schilderachtige plafond in de Sissisuite herinnert aan de Oostenrijkse keizerin Sissi die hier ooit logeerde. Zij was naar Amsterdam gekomen vanwege haar frêle gezondheid en dacht genezing te kunnen vinden bij de toenmalige beroemde Amsterdamse arts J.G. Mezger. Maar liefst veertig kamers werden voor haar en haar gevolg gereserveerd en ten behoeve van haar genezingskuur werd het bad met zeewater gevuld.
Om de naam 'Swych Utrecht' niet verloren te laten gaan is in het hotel, op nagenoeg dezelfde plaats als waar ooit de toren stond, de ontbijtzaal gevestigd. Vanuit hier heb je een prachtig zicht op de Amstel en de Kloveniersburgwal. Vanuit de ontbijtzaal kan je de steiger betreden waar de Beatles in 1964 hun zegetocht door de Amsterdamse grachten begonnen. Met de heropening van het vernieuwde NH Collection hotel De Doelen, zoals de officiële naam nu luidt, heeft de stad er weer een stukje allure bij gekregen.

Eveline Brilleman

(Uit: Binnenstad 279, januari/februari 2017)

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.