Project De Pinto

Langzaam, heel langzaam vorderen de voorbereidingen voor het plan dat in de geschonden Nieuwmarktbuurt de balans moet doen doorslaan van de buldozersanering naar de rehabilitatie. In ons december-nummer werd het schetsontwerp gepubliceerd voor herstel van het bouwblok tussen Sint Antoniesbreestraat, Zwanenburgwal, Snoekjesgracht en Snoekjessteeg, met het veel-omstreden huis de Pinto als middel punt.

Restauratieontwerp voor het huis de Pinto van architekt IJsbrand Kok te Amsterdam; links de statige voorgevel naar ontwerp van de stadsbouwmeester Elias Bouwman van ca. 1680, rechts de achtergevels van de samengetrokken vroeg 17e eeuwse huizen.
Restauratieontwerp voor het huis de Pinto van architekt IJsbrand Kok te Amsterdam; links de statige voorgevel naar ontwerp van de stadsbouwmeester Elias Bouwman van ca. 1680, rechts de achtergevels van de samengetrokken vroeg 17e eeuwse huizen.

Het plan kreeg bij de openbaarmaking op de gemeentelijke persconferentie in november de warme steun van de wethouders Lammers en Brautigam. De onlangs door de gemeenteraad aangenomen nota over rehabilitatie van het Nieuwmarkt gebied heeft aan het initiatief van de Stichting de Pinto een nieuw houvast gegeven. Een bestemmingsplan zal worden voorbereid, dat de buurt zoveel mogelijk, d.w.z. in ieder geval terzij van het metrotracé, volgens het oude stratenpatroon in de bestaande maat en schaal wil herstellen met een overwegende woonbestemming.
In deze beleidsvoornemens past het project-de Pinto geheel. Betekent dit nu dat de afbraak gestopt is en het herstel van de Nieuwmarktbuurt beginnen kan? Helaas niet. De situatie doet denken aan een grote lokomotief die sissend vaart mindert, maar nog niet stilstaat, terwijl de wissel naar een andere baan nog moet worden gelegd.
Formeel is het oude doorbraakplan-1953 nog van kracht met de daarop aangegeven perceelsbegrenzingen. Het is er één uit een reeks stedebouwkundige plannen, die onderling samenhangen. De verbreding van de Weesperstraat hoort erbij, de IJ-tunnel met zijn toevoerwegen, het stadhuis op het Waterlooplein en bovenal de metro. Aan al deze projecten ligt één gedachte ten grondslag, namelijk dat de binnenstad vooral city moet worden, met ruimte voor grote kantoorgebouwen en verkeer. Wil men daarnaast nog wat woongelegenheid, dan moeten het toch 'hedendaagse woon vormen' zijn, in open stroken, zoals het inmiddels ingetrokken Jordaan-plan uit 1969. Volgens deze visie is Publieke Werken sinds 1953 in het Nieuwmarktgebied bezig. Dit gebeurt op grond van rechtsgeldige besluiten, met inachtneming van de wettelijke procedures, gebruikmakend van voor dit doel gevoteerde credieten. Huizen zijn gekocht of onteigend, ontruimd en gesloopt, bedrijven en bewoners verplaatst. In de lijn der 'bestuurlijke continuiteit'-denkend, kan men deze stoomwals niet meer stoppen.

Nu het gemeentebestuur een andere kant uit wil, eerst in de Jordaan en thans ook in de Lastage, moet er een structuurplan komen, waarop globale en vervolgens gedetailleerde bestemmingsplannen aansluiten. Dan pas weet men wáár, wat, en hoe er kan worden gebouwd. Een aanwijzing tot beschermd stadsgezicht kan daarna in procedure komen, en dan wordt het mogelijk de regeling rehabilitatiesubsidies toe te passen, om betaalbare huren in herstelde of herbouwde panden te bereiken. Dat met dit alles vele jaren gemoeid zijn is duidelijk. Intussen gaat de metro aanleg met de daarvoor onvermijdelijke slopingen verder, en dus ook de desintegratie en het verval. Het project-de Pinto is bedoeld om deze impasse te doorbreken, door een begin te maken met het herstel op het meest bedreigde punt, waar de metrobuis de Nieuwmarktbuurt binnenkomt. Het is de opzet om in 1975, bij de herdenking van het 700-jarig bestaan van Amsterdam, een eerste fase officieel in gebruik te stellen.

Om dit bijna-onmogelijke toch te realiseren zijn voor deze eerste fase twee onderdelen uit het blok gekozen die de minste weerstand oproepen en de beste kans bieden. Dit zijn de restauratie van het huis de Pinto zelf, en de herbouw van een drietal panden aan de Zwanenburgwal, aansluitende bij de nog bestaande hoek. De woonruimte in deze panden is bestemd voor valide bejaarden uit de buurt; over de exploitatie zijn besprekingen gaande met een stichting voor bejaardenhuisvesting. De leeggesloopte grond zal door de gemeente in erfpacht worden aangeboden aan de stichting de Pinto. Het bureau Monumentenzorg maakte een schets voor de gevelwand, het architectenbureau Dunnebier, Mol en Ronstadt bereidt het bouwplan voor. Een moeilijk punt vormt de hoek Sint Antoniesbreestraat-Zwanenburgwal, in verband met de brede brug die daar vóór is gebouwd volgens het plan 1953, om de verbrede Jodenbreestraat te laten doorbreken tot het station. Het bureau Dunnebier c.s. heeft hier voor een oplossing uitgewerkt die de consequenties trekt uit de beleidswijziging van het gemeentebestuur. De rijbaan van de Jodenbreestraat is vóór de brug versmald gedacht, de brug wordt grotendeels voetgangersgebied met marktkramen, de hoek Zwanenburgwal-Sint Antoniesbreestraat wordt op zijn oude plaats herbouwd, en daartegenover komt een smal nieuwbouwblok dat aan de westzijde wordt begrensd door een parkstrook boven de metrobuis.

Op deze manier blijft van de wond die de metro veroorzaakt, hier een smal litteken over, en kan de stedelijke structuur genezen. De herbouw, waar door de Sint Antoniesbreestraat in zijn oorspronkelijke profiel zal worden hersteld, zal als een toeganspoort tot de oude stad fungeren en kan pas uitgevoerd worden wanneer het nieuwe bestemmingsplan wettelijk is vastgesteld. Het idee ligt echter op tafel, en dat is een houvast om de eerste fase van het project-de Pinto te bespoedigen


Schetsontwerp van de gevelwand aan de Zwanenburgwal - reconstructietekening van het Gemeentelijk Bureau Monumentenzorg. Het derde pand van links is ontworpen door het Buro voor Architektuur en Stadsvernieuwing - Dunnebier, Mol en Ronstadt.<br>
Het poortje is de in 1967 gesloopte 'Leprozen Poort' uit de Lazarussteeg,
vermoedelijk ontworpen en vervaardigd in de stads-steenhouwerij o.l.v. Hendrick de Keyser (ca. 1610). Hoewel de reliefs vrijwel geheel verweerd zijn t.g.v. de zacht heid van de steen, verkeren de bouwkundige onderdelen nog in redelijke staat. Eerherstel van dit kleine monument is daarom volledig op zijn plaats.
Schetsontwerp van de gevelwand aan de Zwanenburgwal - reconstructietekening van het Gemeentelijk Bureau Monumentenzorg. Het derde pand van links is ontworpen door het Buro voor Architektuur en Stadsvernieuwing - Dunnebier, Mol en Ronstadt.
Het poortje is de in 1967 gesloopte 'Leprozen Poort' uit de Lazarussteeg, vermoedelijk ontworpen en vervaardigd in de stads-steenhouwerij o.l.v. Hendrick de Keyser (ca. 1610). Hoewel de reliefs vrijwel geheel verweerd zijn t.g.v. de zacht heid van de steen, verkeren de bouwkundige onderdelen nog in redelijke staat. Eerherstel van dit kleine monument is daarom volledig op zijn plaats.

Vooruitlopend op de wettelijke procedures kan worden begonnen met de eerste huizen aan de Zwanenburgwal en met het huis-de Pinto. De percelen zijn leeg en liggen terzij van het metrotracé. Het ene object hoort in de sfeer van de sociaal-medische woonvoorziening, het andere is zuiver monumentenzorg. Recente onderzoekingen hebben aangetoond dat het interieur van het huis-de Pinto, achter betimmeringen en stucplafonds, nog veel meer restanten van zijn vroegere pracht verbergt dan men kon vermoeden. Het kan door een deskundige restauratie weer een huis worden van zeldzame allure. Architekt IJ. Kok heeft het restauratieplan thans uitgewerkt, en dit plan is met de begroting ingediend bij Monumentenzorg. Als bestemming wordt gedacht aan een gebouw voor ontvangsten en andere bijeenkomsten, zodat vele Amsterdammers er met hun gasten kunnen verkeren. Twintig jaar lang heeft de inspanning geduurd om dit monumentale huis, als hoeksteen van het laatste stuk dat van het Joodse Amsterdam is overgebleven, van een onafwendbaar lijkende vernietiging te redden. Dat nu, met instemming van het Gemeentebestuur, de restauratie wordt voorbereid is een geweldige stap vooruit. Meer dan een eerste stap is het echter nog niet.


Stedebouwkundig voorstel voor het gebied rond de Sint Antoniessluis - Buro
Dunnebier, Mol en Ronstadt, Amsterdam.
Stedebouwkundig voorstel voor het gebied rond de Sint Antoniessluis - Buro Dunnebier, Mol en Ronstadt, Amsterdam.

Het zal een kostbaar werk worden, dat behalve de monumentenzorgsubsidies een eigen investering vergt van ± f 800.000,-. De eerste grote gift kwam van de Stichting Levi Lassen in Den Haag, ter hoogte van f 10.000,-. Dat er nog vele bij dragen nodig zijn op de rekening nr. 41.36.52.793 van de Stichting de Pinto bij de AMRO-bank (Herengracht) is duidelijk. Postgiro van de bank: 8000.
Het stichtingsbestuur hoopt dat het ook tot talrijke stadgenoten, bedrijven en instellingen zal doordringen. Het gaat om veel méér dan een belangrijke restauratie, het gaat om de aanzet tot de herleving van de zwaar geschonden Nieuwmarktbuurt, die na de tragedie van de bezettingsjaren, het toneel is geworden van de strijd tussen oude en nieuwe saneringsdenkbeelden. Wie nu door de buurt loopt, is geneigd om te denken dat het te laat is, zó desolaat ziet de oude Lastage er uit. Eindelijk is er echter een kans om de afbraak van de binnenstad aan de oostzijde af te grendelen. Daarvoor vraagt de Stichting de Pinto steun.

Geurt Brinkgreve

(Uit: De Lamp van Diogenes 25, september 1973)

Door in te loggen, kunt u ondermeer uw gegevens beheren. Alleen leden hebben een inlogaccount.

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.