Funderingsherstel Beurs van Berlage begonnen

Op 18 november 1999 werd door wethouder Pauline Krikke (Bouwen, Wonen en Economie Binnenstad) het funderingsherstel van de Beurs van Berlage officieel gestart. De nieuwe fundering moet klaar zijn als de bouw van de Noord/Zuidlijn begint. De gemeente Amsterdam trekt 28 miljoen gulden uit om het Beursgebouw weer een stevige voet aan de grond te geven, zodat het gebouw geen gevaar loopt wanneer de “mol” van de Noord/Zuidlijn voorbijkomt. Mogelijk zal een deel van dit geld worden betaald uit de zogenaamde “grote kanjers”-regeling van monumentenzorg.

De Beurs van Berlage heet eigenlijk de Koopmansbeurs en is als een waar “Palazzo Publico” gebouwd door de bekende bouwmeester H.P. Berlage tussen 1898 en 1903. Al direct na de opening in 1903 kwamen bouwkundige gebreken naar voren, waaronder ernstige verzakkingsverschijnselen. De oorzaak was inklinking van de grond. De Beurs was immers gebouwd op een juist daarvoor gedempt deel van het Damrak, beter gezegd: de rivier de Amstel. In 1904 vond het eerste herstel plaats. Ook daarna zijn er regelmatig herstelwerkzaamheden geweest: hoewel het gebouw op 4880 palen rust, bleef het gebouw in beweging en scheurde het op diverse plaatsen. In 1959 werd serieus overwogen het gebouw te slopen, een voorstel van wethouder Joop den Uyl. Het bouwen van een nieuw gebouw zou 15 miljoen gulden kosten. Na een hevige discussie, waarin veel Amsterdammers voor het behoud van de Beurs van Berlage opkwamen, besloot de gemeenteraad in 1960 niet tot afbraak, maar tot herstel. Behalve een incidentele herstelling bleef echt herstel echter uit.

Met de aanleg van de Noord/Zuidlijn dreigt een potentieel gevaarlijke situatie, zoals we bij meer gebouwen langs de route kunnen vrezen. De Noord/Zuidlijn passeert de Beurs, bij de noord-westhoek op een afstand van vijf meter. De metrotunnel wordt aangelegd in de tweede zandlaag op 20 meter diepte. Om te voorkomen dat de Beurs zodanig verzakt dat herstel niet meer mogelijk is, is een kostbaar funderingsherstel nodig. Maar ook los van de metro-aanleg zou herstel noodzakelijk zijn, echter dan niet op 24,5 maar op 20 meter diepte. De Beurs wordt onderheid op de tweede zandlaag (de huidige palen rusten op de eerste zandlaag). Vanaf begin 2000 worden zo’n 700 schroefbuispalen onder de Beurs aangebracht, elke dag vier palen. Het zijn zogenaamde Grout-palen, de opvolger van de bekende De Waal-palen. Elke paal bestaat uit meerdere delen met een lengte van 1,3 meter. Het schroeven gebeurt door een speciaal daarvoor gebouwde machine, waarvan er twee in de kelders van de Beurs worden opgesteld. Op het moment dat alle delen aan elkaar zijn bevestigd, wordt er beton in de holle paal gestort. De voortdurende controle op scheurvorming zal overigens ook tijdens de bouw van de Noord/Zuidlijn plaatsvinden. Er wordt een speciale “scheurcontroleur” aangesteld.

Het herstel zal zo’n 2,5 jaar duren en nog voor de aanleg van de Noord/Zuidlijn zijn voltooid. Overlast voor gebruikers en bezoekers van het gebouw zal beperkt zijn: alle activiteiten, zoals concerten en tentoonstellingen, kunnen gewoon doorgang vinden. De werkzaamheden vinden hoofdzakelijk in de kelders van het gebouw plaats. De operatie is in handen van architect Walter Kramer, die eerder was betrokken bij het herstel van de Munt, de Waag en de Noorderkerk. Men hoopt op 27 mei 2003 de herstelde Beurs te heropenen, precies 100 jaar na de opening door koningin Wilhelmina. Op dat moment zullen we ook meer weten over de mogelijke schade aan andere gebouwen langs de route van de Noord/Zuidlijn (…als de aanleg van de Noord/Zuidlijn doorgaat).

Walther Schoonenberg

(Uit: Binnenstad 180, jan. 2000)

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.