Nieuwbouw op de hoek Prinsengracht/Berenstraat

In tegenstelling tot het geslaagde, door Stadsherstel gerestaureerde hoekpand aan de overzijde van de straat ligt de hoek Prinsengracht 453/Berenstraat 30 er zeer slecht bij. Sloop en nieuwbouw is hier dringend gewenst. In het verleden is hier wel eens grootschalige nieuwbouw gedacht. Dat plan is gelukkig van tafel. Voor Berenstraat 26 en 28 is intussen een redelijk bouwplan ontwikkeld. Voor Berenstraat 30 en Prinsengracht 453 is nu een plan ingediend dat zeker niet redelijk genoemd kan worden. Zie de hierbij gereproduceerde geveltekeningen. Een mens wordt er heel treurig van.
Berenstraat 30 (links) / Prinsengracht 453 (rechts)

Het is onmogelijk om Berenstraat 30 zelfstandig te ontwikkelen. Het pand is smal en aan drie zijden volledig ingebouwd. Samentrekking met het evenmin grote pand aan de Prinsengracht is daarom aanvaardbaar, maar dat lijkt aan dit plan dan ook het enige aanvaardbare. Het ontwerp wordt ‘gesierd’ door een over de volle hoogte doorlopende hoekerker. Op een hoofdgracht geen voor de hand liggende keuze, al komt het een enkele keer voor. Grachtenpanden dienen front te maken naar de gracht en niet weifelachtig de hoek om te gaan naar de tussenstraatjes. Bovendien is de erker zeer atypisch in de keuze van het bekledingsmateriaal, zink, en in zijn beëindiging. Hoekerkers hebben traditioneel een bekroning die nadrukkelijk los komt van de kap.Hier is hij op een vreemde manier aan de kap geknutseld, die eveneens in zink is uitgevoerd. Voor een grachtenpand is dat naar onze mening geen aanvaardbare dakbedekking en ook de afgeronde dakkapellen zijn atypisch. Zowel in de Berenstraat als aan de Prinsengracht is het eigenlijke hoekgebouw hoger dan de belending en is de kap aan de zijkant recht beëindigd, met zink bekleed en van ramen voorzien. De ramen en de bekleding lijken ons niet aanvaardbaar en het hoogteverschil aan de zijde van de Prinsengracht kan, vinden wij, niet op deze manier worden opgelost. Een afschuining van de topverdieping ligt hier voor de hand.
De hoek van het gebouw is afgeschuind, maar anders dan je zou verwachten is de toegang tot de winkel niet op de hoek geplaatst. Daar is, heel onlogisch, een raam gedacht. Er is nog wel een deur aan de Prinsengracht maar die is voor de bovenwoningen. Om van deze deur bij de trap en de lift te komen moet bijna een kwart van de oppervlakte van de winkel op de hoek in beslag worden genomen, terwijl het trappenhuis nota bene tegen de gevel aan de Berenstraat ligt. Als daar de toegang tot de bovenwoningen wordt gemaakt zou de toegang tot de winkel in het hoekpand op de hoek kunnen komen en kan misschien ook de onderpui aan de Berenstraat in zijn geheel nog eens worden heroverwogen. Maar dat laatste is natuurlijk onzin. Er moet gewoon een heel ander plan komen.

Herman Pinkse

(Uit: Binnenstad 204, maart 2004.)

[Zienswijze]

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.