Plaatsing op monumentenlijst belachelijk

Het Wibauthuis is een monument van het niets

De Amsterdamse Raad voor de Monumentenzorg en het Cuypersgenootschap hebben gepleit voor plaatsing van het Wibauthuis op de monumentenlijst. Zelfs op 1 april zou dat een slechte grap zijn geweest. Zelfs als men 'kenmerkendheid’ als voldoende criterium voor monumentwaardigheid zou beschouwen (quid non), is dat een blijk van minachting voor de bedoeling van die lijst: het behoud van wat voor ons waardevol en dierbaar is. Sterker nog, totdat zij zich revancheren is het, althans mij, vanaf nu onmogelijk de ARM en het Cuypersgenootschap als monumentenbeschermers nog serieus te nemen.
Het Wibauthuis aan de Wibautstraat.

Ik haat het Wibauthuis. Dit is geen stilistische overdrijving: ik haat het Wibauthuis zoals men een dood object maar kan haten. Het Wibauthuis is voor mij wat de Oost-Duitse stalinistische ‘Plattenbau’ voor de ex-DDR-burgers moet zijn: het symbool bij uitstek van de arrogantie van de macht. Het symbool van een arrogant, megalomaan, kil en mensverachtend systeem. Een systeem van zelfingenomen vakidiote technocraten voor wie democratie, overleg en inspraak alleen maar middelen zijn om aan het ongewijzigd doordrijven van de eigen wil een legitiem vernisje te geven. Een systeem dat kritiek automatisch opvat als onbevoegde bemoeizucht van ondeskundigen, en zichzelf een vanzelfsprekend monopolie op deskundigheid toedenkt. Een systeem dat onder het schijnheilige mom van ‘eigen visie’ volledig aan de leiband van de vandalen van het grote geld loopt. En een systeem dat nooit enige verantwoording voor zijn wandaden en wanbeleid heeft wensen af te leggen, omdat het zich onfeilbaar, onberispelijk en vooral onaantastbaar waant.

Geestelijk niets

De symboolwerking van het Wibauthuis zou op zichzelf al genoeg reden zijn om het te haten, zelfs als er architectonisch verder niets op aan te merken was geweest. Maar de haat wordt volkomen doordat het uiterlijk van dit gebouw zo perfect de inhoud weerspiegelt, te weten het volstrekte geestelijk niets, en dan ook nog eens een niets dat zich verbeeldt alles te zijn. Het Wibauthuis heeft en is niets. Het heeft geen sprekende hoofdvorm, zoals de Rembrandttoren tenminste nog heeft: het is een nietszeggende enorme dubbele doos. Het heeft geen details waar het oog aan kan blijven hangen, zoals de eerste de beste 19de-eeuwse banketbakkersgevel of de eerste de beste postmoderne feesttent tenminste nog heeft: het is een massa goedkoop tweederangs lopendebandwerk, op een lopende-band-manier in elkaar gezet en afgewerkt met een gifkleur. Het maakt de directe omgeving onleefbaar, en is als zodanig hét voorbeeld van wat er mis is met de hele Wibautstraat/Weesperstraat-as. Er is wel eens geschreven dat men bij ondraaglijke hitte naar de kop van de Wibautstraat moet gaan: daar staat altijd, onafhankelijk van het weer, een kille wind. Het is dit soort architectuur die door het 'Koninginnedagcriterium' wordt ontmaskerd: hoe groot het ruimtegebrek voor de vrijmarkt ook is, alle deelnemers mijden de Wibautstraat en Weesperstraat.

Leeghoofdigheid

Wat moet men zeggen over de ‘argumenten’ die voor deze plaatsing worden aangevoerd? ‘Kenmerkendheid’? Met hoeveel demagogische voorbeelden moet ik aankomen om duidelijk te maken dat iets ook volstrekt kenmerkend kan zijn voor de even volstrekte foutheid en talentloosheid van zijn bedenkers? Idem dito wat betreft ‘symboolwaarde’. ‘Boeiende contrasten’? Inderdaad, het is een prestatie om door contrast het Belastingkantoor van Friedhoff, dat terecht wel eens is gekarakteriseerd als het enige zuivere voorbeeld in Nederland van stalinistische architectuur, een vriendelijk ogend gebouw te laten lijken. ‘Eigentijdse zakelijkheid’? Modieuze leeghoofdigheid komt meer in de buurt. Kenmerkend voor die leeghoofdigheid van de bouwers is het feit dat het Wibauthuis zo vol met asbest zit, dat behoud alleen al daardoor zo niet onmogelijk, dan toch in elk geval onbetaalbaar wordt. En tenslotte het argument dat wat er voor in de plaats komt, waarschijnlijk nog erger zal worden: afgezien van het feit dat dat nu niet direct de bedoeling van de monumentenlijst is: HET KAN NIET ERGER. Trouwens, als men de impressie op de voorpagina van het Amsterdams Stadsblad van 15 september j.l. mag geloven, valt het met de bouwhoogte van de geplande nieuwbouw nogal mee: alleen direct ten zuiden van de Raad van Arbeid komt een toren die (vier bouwlagen) hoger wordt dan het bestaande Belastingkantoor, maar een veel kleiner oppervlak beslaat. Ik had graag gezien dat Binnenstad ook met wat afbeeldingen was gekomen om zijn standpunt te verduidelijken.

Belachelijk

Plaatsing zou de monumentenlijst als zodanig volkomen belachelijk en betekenisloos maken. Dit om drie redenen: Ten eerste natuurlijk omdat het Wibauthuis als niets anders staat voor al het kwaad dat het bestaan van monumentenzorg en van de VVAB nu juist nodig heeft gemaakt en waartegen de vereniging ook permanent moet strijden: de rücksichtslose, geldbeluste en vandalistische ‘modernisering’ van de stad. Ten tweede omdat zowel de architectonische opvattingen achter het Wibauthuis zelf als die van zijn (voormalige) gebruikers monumentenzorg an sich feitelijk zien als het kunstmatig, en dus afkeurenswaardig, in stand houden van datgene wat zijn tijd gehad heeft: precies wat op behoud van het Wibauthuis van toepassing is. Kortom, plaatsing op en behoud via de monumentenlijst is in alle opzichten strijdig met het zelfverklaarde diepste wezen van dit gebouw; de bouwers en ex-gebruikers zouden er, als ze principieel waren, dan ook op tegen horen te zijn. En ten derde, we hebben het hier niet over een vrijblijvend gebaar: plaatsing zou recht op subsidie geven, en zolang er echte monumenten door geldgebrek ten onder gaan, is een dergelijke besteding van monumentengeld als een misdaad tegen de cultuur te betitelen. De heren Schoonenberg en Brinkgreve zijn in hun bijdragen in het blad bij lange na niet fel genoeg geweest over dit punt. Ik zou zelfs zo ver willen gaan dat, als de VVAB zich hier niet krachtig tegen verzet, dat voor iemand als ondergetekende een reden kan worden zich in de vereniging niet meer thuis te voelen. Want nogmaals, het Wibauthuis ís in elk opzicht vijand en negatieve bestaansreden van de Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad. Het moet zo snel mogelijk weg.

Lolke Rang

[Reactie van Vincent van Rossem]

(Uit: Binnenstad 210, maart/april 2005)

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.