Het zeventiende-eeuwse ‘stedenland’

Geef mij maar Amsterdam, natuurlijk, en toch willen zelfs de trouwste Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad soms een uitstapje maken. Het heeft weinig zin om een week naar New York te gaan, de meeste mensen begrijpen al niets van Parijs. Een bezoek aan dergelijke steden vereist langdurige voorbereiding en zou minstens een jaar moeten duren. Goedkope vliegreizen zijn een ramp geweest voor het echte toerisme. Eerst Italiaans leren en dan met Der Cicerone van Jacob Burckhardt aan het werk. In het voetspoor van H.P. Berlage.

Maar voor velen bleef een reis naar Italië een onbetaalbare droom en ook voor geletterde Amsterdammers was dat gedurende de eerste decennia na de oorlog geen realistische optie. Voor het plannen van een cultureel uitstapje keek men in de boekenkast naar de Heemschutserie. Die bood tal van boeiende bestemmingen die gewoon met de Nederlandse Spoorwegen bereikbaar waren. Historische steden zoals Hoorn, Haarlem, Groningen, Hindeloopen, Den Bosch, Dordrecht, Alkmaar, Maastricht, Leiden, Utrecht, Enkhuizen, Zaltbommel, Kampen, Zierikzee, Amersfoort, Deventer en Bergen op Zoom. A.A. Kok, de onvolprezen redacteur van de serie, noemde dit de ‘stedenboeken’. Dat klinkt gewichtig maar het waren bescheiden boekjes die in de jaszak van de reiziger pasten.

Gezicht op Dordrecht van Jan van Goyen (foto: Dordrechts Museum)

De historische kernen van deze steden hebben de vernielzucht van talloze wethouders en projectontwikkelaars heel aardig overleefd. Dankzij Heemschut en de monumentenzorg. De Amsterdamse binnenstad is niet het enige wereldwonder in Nederland. Deventer is echt dichterbij dan Bangkok en bovendien veel leuker. De inboorlingen spreken gewoon Nederlands en er is genoeg te zien om een heel weekend zoet te zijn. Reis per trein, niet alleen vanwege het milieu maar vooral omdat de stations destijds overal aan de rand van de oude binnenstad zijn gebouwd. Zo bespaart u zich de kennismaking met deprimerende nieuwbouwwijken en het labyrint van asfalt dat steevast langs uitgestrekte bedrijventerreinen voert. Bovendien is alles in die oude stadjes op loopafstand. Ook in Deventer staat het aardige stationsgebouw uit 1914 aan de singelgracht van de Hanzestad.
Natuurlijk zijn de Heemschut deeltjes na driekwart eeuw gedateerd. Actuele informatie over hippe eetgelegenheden en up-to-date hotels ontbreekt, die staat op internet, maar het merkwaardige is dat het monumentale erfgoed in die aangenaam stille binnensteden niet veroudert, integendeel, het wordt op een geheimzinnige manier actueler. Steeds meer mensen twijfelen aan de zegeningen van de vooruitgang. Onze Vereniging heeft niet voor niets een groot aantal leden dat ondanks de crisis blijft groeien. De oude steden van Nederland worden gekoesterd door hun bewoners. Zij bieden een veel aangenamer toekomstperspectief voor de menselijke samenleving dan de hoogbouwwijken uit de twintigste eeuw.
Behalve stedenschoon is er nog een belangrijke reden voor een uitstapje, namelijk de aanwezigheid van een serieus museum. Amsterdammers zijn verwend met drie belangrijke musea, maar daar staat tegenover dat de hordes toeristen een bezoek aan Rembrandt en Van Gogh tot een ware bezoeking maken. De intercity brengt ons in anderhalf uur naar Dordrecht, zonder overstappen. Ook daar scheert het spoor langs de historische stad. In vroeger tijden arriveerden bezoekers over het water, bij het Groothoofd aan de andere zijde van de stad, waar de Oude Maas, de Noord en de Beneden Merwede het meest magistrale riviergezicht van Nederland vormen. Jan van Goyen heeft het vaak geschilderd, met de O.L.Vrouwekerk als merkteken van Dordrecht: het klassieke beeld van een Hollandse stad. Vanaf het Groothoofd voert de Wijnstraat door het oudste deel van de stad. Voor de liefhebbers van architectuur is er veel te zien, ook in de Voorstraat, aan de andere kant van de Wijnhaven. De pilastergevel van Pieter Post uit 1653, Wijnstraat 79, laat zien dat de stad geen last had van valse bescheidenheid.

Het Dordrechts Museum wordt door de Heemschutgids alleen terloops genoemd, in het hoofdstuk ‘Dortsche schilders’, terwijl aan de Onze Lieve Vrouwekerk twintig pagina’s worden gewijd. Met een apart hoofdstuk voor de koorbanken: ‘men overtuige zich ter plaatse van de weergalooze schoonheid dezer unieke voortbrengselen der renaissance houtsnijkunst in de Nederlanden’. Maar het Dordrechts Museum is wel degelijk een aanrader van de eerste orde, een heerlijk museum waar het niet te druk is zodat de ouderwetse genoegens van het museumbezoek weer eens naar hartenlust gesavoureerd kunnen worden. Het gebouw, aangenaam gesitueerd in de oude binnenstad, is onlangs beschaafd gemoderniseerd. Zelfs na een geheel verregend weekend zal niemand spijt hebben van het bezoek aan Dordrecht.
Sinds 2008 beschikt het museum ook over zo’n schitterend ‘Gezicht op Dordrecht’ van Jan van Goyen. Maar er is natuurlijk nog veel meer en de ware liefhebber komt niet voor topstukken. Die dwaalt een beetje door de zalen en laat zich graag verrassen door het wonder van de schilderkunst. Waarom is die ‘Binnenplaats bij het stadhuis te Culemborg’ van Jan Weissenbruch zo’n betoverend schilderij? Jan Weissenbruch staat niet bekend als een groot meester. Arie Scheffer was ooit wereldberoemd, maar zijn werk kan niet meer echt bekoren. Samuel van Hoogstraten en Nicolaes Maes vallen altijd weer tegen. Het is niet eens een kwestie van smaak maar een gevoel. ‘Het Drielse veer’, van Gabriël, misschien is die gelukservaring een jeugdsentiment. Is Gabriël niet sowieso een onderschatte schilder? Jongkind, vertegenwoordigd met het magische ‘Gezicht op het Groothoofd bij maanlicht’, heeft geheel terecht een internationale reputatie. Dat geldt eigenlijk niet voor Breitner, wiens ‘Lauriergracht in de winter’ voor Amsterdammers een feest der herkenning is. Was Monet dan heus zoveel beter? Stedenschoon en kunstgenot, wat wil een mens nog meer.

Vincent van Rossem

(Uit: Binnenstad 268, januari/februari 2015)

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.