Het Rijksmuseum – Een complex gegeven

Het is fantastisch mijn oude vriend Geurt tegen te komen in een van de grote kwesties in en rond de binnenstad, namelijk de vernieuwing van het Rijksmuseum. Ik ben het eens met zijn uitgangspunt dat de verbetering van de toegang tot het Rijksmuseum en de ontsluiting van de binnenplaatsen de allergrootste aandacht moeten krijgen, maar mij lijkt het niet nodig om hiervoor de fietsroute op te offeren. (Zie: Het nieuwe Rijksmuseum.)
De nieuwe onderdoorgang in de plannen van Cruz & Ortiz

Een complex gegeven leidt vaak tot een beter ontwerp dan een situatie waarin alle mogelijkheden nog open liggen. Geurt vindt dat de verbetering van de toegang zwaarder moet wegen dan het belang van de fietsroute, maar mij lijkt dat beide aspecten recht gedaan kan worden. Voor een kwalitatieve oplossing zijn dit soort problemen de krenten in de pap. Bij het Historisch Museum is de Schuttersgalerij een prachtig voorbeeld van de ontmoeting tussen stad en museum. Bezoekers van het museum lopen op hun niveau de vele nachtwachten van Amsterdam te bekijken, terwijl ze onder zich de voetgangers tussen Begijnhof en Kalverstraat voorbij zien komen. De voetgangers passeren intussen dezelfde schitterende stukken uit de collectie van het Historisch Museum. Een betere etalage is niet denkbaar voor een museum.
We mogen aannnemen dat er voldoende kwaliteit wordt ingezet om de klus van de vernieuwing van het Rijksmuseum te klaren. Laten we daarom geen oplossingen aandragen, maar ons beperken tot wensen en mogelijkheden. In mijn vak zeggen ze: "Een goed programma van eisen is het halve werk". Twee eisen heeft Geurt al geformuleerd: -intergreer de twee vleugels, en – ontsluit de binnenterreinen. Daarnaast zou ik willen noemen: geef de bezoekers op het voorplein de ruimte. Nu rijden de fietsers op het voorplein omhoog. Het moet mogelijk zijn om de doorgang door het museum op een eigen niveau te brengen. Een lichte transparante doorgang voor fietsers en voetgangers door het museum, een galerij waar voorbijgangers op uitnodigende wijze geconfronteerd worden met het museum. en laat er ook een podium komen waar straatmuzikanten kunnen optreden.
Kortom: integratie van de twee vleugels en een mooie, lichte doorgang door het museum – en een goede architect die er iets moois van maakt.

Luud Schimmelpennink

(Uit: Binnenstad 187, maart 2001)

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.