Wim Denslagen, auteur van opmerkelijk boek:

'Ik wil herstel van de oude monumentenzorg'

Wim Denslagen Romantisch Modernisme
Doen de mensen die zich met monumentenzorg bezighouden het werk waarvoor ze zijn aangesteld? Wim Denslagen vindt van niet. Het is een van de thema’s die in zijn onlangs verschenen boek ter sprake komen. Binnenstad zocht hem op voor een interview.

“In de wereld van de monumentenzorg wordt tegenwoordig sterk getwijfeld aan het nut van historische gevels als decorstukken. Wat is een historisch stadsbeeld waard als dat op architectonische leugens is gebaseerd? Niets, zo vinden de meeste architecten en beschermers.”
Dit citaat komt uit het onlangs verschenen boek Romantisch modernisme van Wim Denslagen. De schrijver werkt bij de Rijksdienst voor de Monumentenzorg en is bijzonder hoogleraar aan de Universiteit van Utrecht in de theorie en geschiedenis van de monumentenzorg.
Hij verzet zich tegen het romantische streven naar oprechtheid dat ook door monumentenzorg wordt omhelsd. “Door die oprechtheid is ook in de monumentenzorg een afkeer ontstaan tegen het cultiveren van een harmonisch stadsbeeld omdat zij vinden dat een kunstmatig oud gehouden stadsbeeld een vorm van bedrog is.”
Thuis, in zijn werkkamer, komt hij terug op dit thema. “De aanhangers van die oprechtheid roepen dat je niet iets mag maken dat een fantasiewereld voorspiegelt. Ze vinden het niet erg als iets nieuws lelijk is, als het maar oorspronkelijk is, dan is het goed. Ze roepen dat monumentenzorg liegt in de zin dat ze oude vormen terugbrengen en dat vinden ze onartistiek. De strevers naar oprechtheid noemen bevriezen van het stadsbeeld oubollig en achterlijk. Ze vinden dat je dan cultureel stilstaat, dat je dan een ziektegeval bent. Zo wordt er over gesproken. Nou, laat ik duidelijk zijn: iemand die een mooie stad wil bewaren, is gezond, daar is niets mis mee.”
Denslagen spaart in zijn boek het werk van monumentenzorg niet. Doel van de monumentenzorg was lange tijd de bescherming van historische steden tegen aanvallen van moderniteit. Teleurgesteld constateert hij dat sinds de jaren zeventig monumentenzorg in de ban is geraakt van het idee dat een historische stad alleen toekomst heeft als haar architectuur met de mode meegaat.

Afgedwaald

Ongeveer een jaar voordat zijn boek uitkwam overhandigde Denslagen het manuscript aan zijn baas, de directeur van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg. “Hij heeft alle tijd gehad me op het matje te roepen, maar dat is niet gebeurd. Intern zijn er ook geen discussies op gang gekomen. Ik hoop dat dat wel gaat gebeuren, dat mensen gaan roepen dat het boek niet deugt, dat ik het fout zie, dat ze met argumenten komen. Het boek is bedoeld om collega’s aan het denken te zetten. Ik wil de oude monumentenzorg herstellen: het in ere herstellen van oude stadsbeelden. Ze zijn nu afgedwaald, ze kiezen nu ook voor modern bouwen in oude steden.” Denslagen vindt dat ook de oudere generatie fouten heeft gemaakt. “Neem Amsterdam. Die stad ziet er nu veel ouder uit dan vijftig jaar geleden. Dat komt omdat van panden de pleisterlaag werd weggehaald, en roetjes in ramen werden gezet waardoor veel van de negentiende eeuwse cultuur is verdwenen. Als de 19de eeuw een groot stempel op de stad heeft gedrukt, dan moet je dat niet reconstrueren. Die 19de-eeuwse sfeer wordt doorbroken door 18de-eeuwse reconstructies en daardoor verstoor je ook de harmonie. Vroeger was monumentenzorg op de hand van mensen die de negentiende eeuw wilden wegpoetsen, maar dat was ook niet goed.”

Kunstwerken

Bloemgracht

Denslagen benadrukt dat monumentenzorg de taak heeft het oude stadsbeeld te behoeden, maar hij ziet ook dat dit bijvoorbeeld in Amsterdam lang niet altijd gebeurt. “Op de Amsterdamse grachten vind je ook al moderne architectuur. Tegenover de Westertoren, bij de Bloemgracht stonden mooie hoekpanden uit de negentiende eeuw. Die zijn vervangen door nieuwbouw. Die hoek is stukgemaakt, die panden hadden gerestaureerd moeten worden. Sommige binnensteden zijn kunstwerken. Dat je daar niet meer zorg aan besteedt, dat niet wordt gezien hoe desastreus zo’n ingreep aan de Bloemgracht is, dat is niet te geloven. Wat ik wel mooi vind is het woonhuis van architect Cees Dam aan de Amstel. Daar word je tenminste niet door geschokt.”

Beschermd

Nieuwezijds Kolk

Amsterdam heeft een beschermd stadsgezicht. Denslagen: “Ik verbaas me erover dat er geen felle discussies zijn gevoerd over de wet die dat mogelijk maakt. Het wettelijk instrument van het beschermde stads- en dorpsgezicht dankt zijn ontstaan aan de wens om het oude beeld van een stad te beschermen. Bij de uitvoering van dit artikel wordt vreemd genoeg niet het beeld, maar de bestemming van een gebouw geregeld. In de Memorie van toelichting staat: “het ligt geenszins in de bedoeling dergelijke stads- en dorpsgezichten te bevriezen.” De wetgever bepaalt voorts dat noodzakelijke veranderingen het beschermde gebied niet mogen aantasten. Dat laat veel vrijheid aan de beoordelende instanties. In de wereld van de monumentenzorg wordt aan dat woord ‘noodzakelijk’ niet erg zwaar getild. Een groot deel van de ambtelijke specialisten lijkt van mening te zijn dat monumentenzorg niet alleen het oude moet beschermen, maar ook nog een taak heeft op het gebied van cultuurbeleid en dat nieuwe architectonische kwaliteit niet belemmerd mag worden. Het is treurig dat de discussie uitbleef. Het is ook merkwaardig dat in de kunstsector dit soort discussies wel plaatsvindt, maar in de wereld van de monumentenzorg niet.”
Denslagen juicht het initiatief toe om een gracht in de Jordaan weer uit te graven. “Het Rokin moet trouwens ook open. In de Jordaan zou je nog meer kunnen doen dan het herstellen van gedempte grachten. In dat stadsdeel staat zoveel lelijke architectuur. Er zijn nog veel foto’s uit het verleden. Met behulp daarvan zou je die typische gevelarchitectuur weer toe moeten passen. Reconstrueer maar wat gevels, helaas een beweging in die richting is er nog niet.”

Rijksmuseum

Aanbouw van het Concertgebouw Aanbouw van het Van Gogh Museum op het Museumplein

Monumenten die met nieuw materiaal worden herbouwd, moeten volgens hem monument blijven. “Neem Zonnestraal, een groot deel van dat gebouw is nieuw. Het gebouw mag dan een kopie zijn, maar het moet op de monumentenlijst blijven. Het bouwmateriaal is ondergeschikt. De Dom in Utrecht is vaak gerestaureerd met nieuw materiaal. Dan zeg je toch ook niet dat het van de monumentenlijst af moet?”
Wat Denslagen betreft moet monumentenzorg het oude beter verdedigen. “Ze moeten meer hun stem laten horen tegen excessen. Neem het Rijksmuseum. Monumentenzorg is meegegaan met de plannen die ervoor zijn gemaakt. Je zou tegen moeten zijn. Natuurlijk mag je wel restaureren. Dat gaat bij het Rijksmuseum ook gebeuren, maar die enorme ingrepen die worden gedaan om meer ruimte te krijgen, daar hoor je monumentenzorg niet over. Ze willen de moderne architectuur een kans geven. Koop toch ergens een dependance als je ruimtenood hebt. De uitbreiding van het Concertgebouw, dat is ook zo’n aanfluiting. We durven niet te protesteren omdat dit soort initiatieven zo goed wordt verkocht. Nog erger vind ik de uitbreiding van het Van Goghmuseum. Ik was een avond in het concertgebouw. Het avondlicht was prachtig en dan kijk je over dat plein en zie je opeens die ronde bunker met dat schietgat. Het haalt een hap uit dat prachtige beeld dat ik zag. Dat vind ik vreselijk.”

Wraak

Denslagen huivert als hij planologen hoort zeggen dat het goed is als een oude binnenstad wordt omgeven door hoogbouw. “Wat een idee. Als je Amsterdam benadert dan moet je van verre de torens kunnen zien, dan moet je niet tegen hoogbouw opkijken.” Hij juicht het toe als geprobeerd wordt fouten uit het verleden te herstellen. “De Nederlandse Bank moet weg, slopen. Maar of het Paleis van Volksvlijt dan terug moet? Dat zal moeilijk zijn, dat wordt een dure klus en wat moet je met zo’n groot gebouw? Misschien moet je op de plek van de bank een mooi park maken of een gietijzeren muziektent. Ach, en herbouw van het Paleis voor Volksvlijt als een soort wraakoefening, dat kan ook mooi zijn. Dat wordt dan een monument van weerzin tegen de schade die de stad heeft opgelopen.”

Frans Heddema

(Uit: Binnenstad 206, juli 2004.)

Meer lezen:
[Boekbespreking]
[Monumentenzorg in de boekenkast of op de bouwsteiger?]
[Discussie: Wat moet op de monumentenlijst?]

Email this to someone Deel deze pagina!

Reacties

Er zijn momenteel nog geen reacties op dit artikel.

Alleen als u bent ingelogd, kunt u een reactie plaatsen.